Tekst   Foto's
HOME    
uVhH 1931-32 Deel 1
uVhH 1931-32 Deel 2
uVhH 1932-33 Deel 1
uVhH 1932-33 Deel 2
uVhH 1933-34 Deel 1
uVhH 1933-34 Deel 2
uVhH 1934-35 Deel 1
uVhH 1934-35 Deel 2
uVhH 1934 Verslag
uVhH 1935-36 Deel 1
uVhH 1935-36 Deel 2
uVhH 1936-37 Deel 1
uVhH 1936-37 Deel 2
Talpa 1936-37 Deel 1
Talpa 1936-37 Deel 2
Talpa 1937-38 Deel 1
Talpa 1937-38 Deel 2
Talpa 1937-38 Deel 3
Talpa 1938-39 Deel 1
Talpa 1938-39 Deel 2
Talpa 1939-40 Deel 1
Talpa 1939-40 Deel 2
Talpa 1940-41 Deel 1
Talpa 1940-41 Deel 2
Talpa 1941-42 Deel 1
Talpa 1941-42 Deel 2
Talpa 1942-43 Deel 1
Talpa 1942-43 Deel 2
Talpa 1943-
Talpa 1946-
Talpa 1948-
Talpa 1949-
Catalogus Archief Deel 1
Catalogus Archief Deel 2
Catalogus Archief Deel 3
Fam Mol Stam Hekelingen 1
Fam Mol Stam Hekelingen 2
Fam Moll Stam Velp Deel 1
Fam Moll Stam Velp Deel 2
Fam Moll Stam Velp Deel 3
Fam Mol Zeeland Deel 1
Fam Mol Zeeland Deel 2
Fam Mol Zeeland Deel 3
Fam Mol Zeeland Deel 4

UIT VERLEDEN, HET HEDEN
Driemaandelijksch Tijdschrift van de Vereeniging "FAMILIES MOL(L).

Gevestigd te Utrecht.
Eerste jaargang, Nummmer 1,                                                 1 Juli 1931.

Bijdragen of correspondentie in te zenden bij den Redacteur Johan van Oldenbarneveltlaan 21 Amersfoort.

INHOUD.
Inleidend woord.
I. Mededeelingen van het Bestuur.
II. Genealogie.
III. Memoranda.
IV. Curiosa.

Inleidend woord tot de Lezers.
M.
’Waarom dit blad en waartoe?’ zult gij vragen.
Een familievereeniging oprichten is moeilijk, leden verwerven geen gemakkelijk werk, leden behouden en daardoor de vereeniging consolideeren is zeer zeker het moeilijkst.
Belangstelling is bij allen van U aanwezig; bij velen echter slechts in socialen zin. En hoewel het sociale vereenigingsleven inderdaad een zwaar gewicht in de schaal mag leggen, speciaal in een Familievereeniging, - daartoe ook zijn de ledenvergaderingen! en dient eventueel de ’Familiedag’ - er is méér, dat Uw aandacht vragen moet. Het in de statuten omschreven doel der vereeniging spreekt van het verzamelen van genealogische gegevens en de samenvatting er van. Van feitenmateriaal moet de arbeid van het Bestuur uitgaan. Onvoorwaardelijk eischt de beoefening van de genealogie ook verdieping van deze feitenkennis, om te komen tot de echte waarden van de kennis der geslachten, zooals die duidelijk omschreven worden in de geschriften van Prof. Dr. van Bemmelen en Dr. Strutz, die U al bereikt hebben of zullen bereiken door middel van de rondzend-portefeuille.
Dit blad zal mededeelingen bevatten van het Bestuur, tevens feitenmateriaal onder Uw aandacht brengen, gehaald uit het archief der vereeniging. Stamtafels, waarbij U direct geïnteresseerd zijt, zullen uit den aard der zaak niet worden opgenomen. Wel zullen hier en daar grepen worden gedaan wegens de algeneene belangrijkheid. Moge U duidelijk worden, hoe moeilijk en bewerkelijk de bestudeering der archivalia is. Maar ook wordt de verwachting uitgesproken, dat U de noodzakelijkheid inziet, dat U alle mogelijke gegevens van het leven van U, Uw gezin, Uw ouders en voorouders voortdurend tracht te vermeerderen en die toevertrouwt, in woord en beeld aan het archief der Vereeniging.
De redacteur verzoekt U, bij Uw critiek over dit blad het ’Allen bevredigen is moeilijk’ gedachtig te zijn en de ernstige poging, de belangstelling van U op te wekken, te waardeeren. Voor welwillende op- en aanmerkingen en wenken houdt hij zich zeer aanbevolen. Bijdragen voor dit tijdschriftje ontvangt hij gaarne van U allen!

I. - MEDEDEELINGEN VAN HET BESTUUR.
A. Opgave van de lijst van leden en donateurs: (in volgorde van de aanmelding.)

Leden:
de Hr. J. A. Moll, particulier, Soestdijksche straatweg 193, Bilthoven;
Dr. W. H. Moll, Leeraar Gymn. en HBS, J. v. Oldenbarneveltlaan 21, Amersfoort;
Mevrouw C. H. Hoejenbos-Moll, Gasthuisstraat A. 47, Heukelom (ZH. );
Mevrouw W. M. van der Zanden-Moll, Parklaan 29, Driebergen;
de Hr. H. Moll, scheikundige, Korte Scheidingsweg 36, Dordrecht;
Ir. J. Moll, Hoofdingenieur RW. , Fonteinstraat 61, Leeuwarden;
Mevrouw S. van Laere-Moll, Tjerk Niddesstraat 5b, Leeuwarden;
Mejuffrouw A. H. J. Moll, Leerares MO, Zijdeweg 28, Wassenaar;
Mevrouw W. van der Werf-Moll, Singel 1 bis, Weesp;
Mejuffrouw W. M. Moll, onderwijzeres, Laing’s Nekstraat 29-1, Amsterdam;
de Hr. W. Moll Jzn, oud-bankdirecteur, Meenkschelaan 16. Driebergen;
de Hr L. Moll, arts, IJsselmonde;
Mevrouw A. J. Moll-Bakhuizen, IJsselmonde;
de Hr. H. Moll, onderwijzer. Haven 29, Schoonhoven;
Mr. A. J. Moll, advocaat , Ruysdaellaan 20, Bilthoven;
de heer J. G. Moll, koopman, Westerstraat 35, Enkhuizen;
Mr. A. J. Moll-Schnitzler, particulier, Distellaan 20, Aerdenhout;
Dra. A.W.E. Moll, leerares Bijz. school, van Wassenaerlaan 16, Baarn;
de Hr. W. W. M. Moll, oud-hoofdonderwijzer, Breedevoort(G.);
Mevr. J. C. Boer-Moll, Randwijcklaan 11, Buitenveldert, Nieuwer-Amstel;
Mevr M. H. van der Hammen-Moll, Groote straat 39, Waalwijk;
de Hr. H. J. Moll, particulier, Stationsweg 63. Ede (G.);
Prof. dr. W. J. H. Moll, buitengewoon hoogleeraar, Driebergsche weg 16a, Zeist;
Mevrouw M. C. Brouwer-Moll, Fr. Maelsonstraat 25, den Haag;
Mevrouw G. M. Henrard-Moll, J. Ruysdaellaan 15, Bussum;
Mevrouw M. M. J. Nijland-Moll, Sonnenborgh, Sterrewacht, Utrecht;
Mejuffrouw J. Moll, Weesperzijde 63, Amsterdam;
de Heer L. A. Moll, Directeur NV. ’L.A. Moll’s A.T.I.’ M. St. Annastraat 167, Nijmegen;
Mr. J. J. Moll, Griffier Rechtbank, Singel 210. Dordrecht;
Mevrouw J. ten Kate-Moll, 1e Helmersstraat 325bis, Amsterdam;
Mevrouw wed. W. Moll-Roelofsen, Stationsweg 67, Ede (G.);
Mevrouw A. Moll-Ziegenhirt von Rosenthal, Mecklenburglaan 43, den Haag;
Dr. D. P. Moll, Actuaris ass. My. , Raamweg 42c, den Haag;
de Hr. J. Moll, Commies Ned. Spoorwegen, M. H. Trompstraat 9bis, Utrecht;
Mevrouw J. C. Vis-Moll, Vijverlaan 12, Haarlem;
de hr. T. Moll, leeraar MO. Teekenen, Hellingstraat 6, Huizen (NH);
Ir. J. A. Moll, Bedrijfsing. G. G. , Zuidergasfabriek, Amsterdam;
Mevrouw A. H. Moll, secretaresse N. C. Vrouwenbond, Columbusstraat 85, den Haag;
Mevrouw S. Wilg van der Wal-Moll, Borneolaan 1, Hilversum;
Mevrouw wed. J. G. Stort-Moll, Chr. de Wetstraat 7, Oosterbeek (Haag);
de Hr. F. S. J. Moll, Captain a/b M.V. ’Megara’, London EC. 3, St. Helens Court, Great St. Helen, The A.S.P. Co. Ltd. ;
Mevrouw L. C. Kroese-Moll, Deli My, s.f. ’Toentoengan’, Medan, O.K. Sumatra;
de Hr. C. L. Moll, 1e Geëmpl. s.f. ’Kremboeng’ Toelangan, SS. O.L. Java;
de Hr. H. J. E. Moll, ass. resident m. verlof, Fred. Hendriklaan 199, den Haag;
Mevrouw M. C. Vogelaar-Moll, Hoofdweg 3l2-1, Amsterdam;
Mevrouw S. H. Louiszoon-Moll, pl. Frederiksdorp, distr. Commewyne, Suriname;
de Hr. G. C. van Moll, koopman, Stratumseind 51, Eindhoven;
Dr. H. H. Moll van Charante. arts, Eendrachtsweg 20, Rotterdam;
de hr. J. Mol, architect B.N.A., Theresiastraat 19, den Haag;
Dr. W. E. de Mol, leeraar HBS. en docent Acad. L. O. , Galileïplantsoen 6, Amsterdam;
Mevrouw A. E. A. Wattjes-de Mol, Frederiklaan 30, Rijswijk(ZH);
de Hr. J. Moll van Charante, Huize. ’Ter Wadding’, Voorschoten.

Donateurs en Donatrices:
Mejuffrouw H. H. Moll, onderwijseres, Laing’s Nekstraat 29, Amsterdam;
de hr. P. J. Moll, automobielverkooper, Peperstraat 18, ’s Hertogenbosch;
de Hr. J. Moll, student H. H. S. , Maaskade 145a W. , Rotterdam;
Mejuffrouw W. H. Moll, oud-onderwijzeres, van Pallandstraat 67, Arnhem;
de hr. H. C. Moll, gep. Majoor inf. , NI, Pr. Maelsonstraat 25, den Haag;
Mevrouw G. M. Blokhuis-Moll, Steynstraat 49, Alkmaar;
Ir. S. Moll, ingenieur, Kleverparkweg 125, Haarlem;
Mevrouw G. Vuyck-Moll, ’s Gravendijkwal 38b, Rotterdam;
Mevrouw G. H. Kingma-Moll, Kanaalweg 65, Den Helder;
de Hr. H. W. Moll, employé A.T.I.M., St. Annastraat l67, Nijmegen;
de hr. J. Moll, Zeestraat 48, den Haag;
de hr. H. Moll, onderwijzer, Vondelkade 9, Zwolle ;
de hr. H. M. Moll, kweeker, Utrechtscheweg D. 37, Vleuten;
de hr. W. Moll, typograaf , Kortezwaag 30, Friesland;
de hr. J. L. Moll, sigarenfabrikant Schrans 84ïleeuwarden;
de hr. C. Moll, bakker, Schoutenstraat 38, Barneveld;
Mevr. G. van Lent-Moll, Heuveloordweg 29, Oosterbeek;
Mej. C. Moll, handwerkonderwijzeres, Parklaan, Putten(V),
Mevrouw R. Kramer-Moll, Zuid-Ginkel, Ede(G. );
de hr. L. Moll, adj. onderoff. artie, Lange Beekstraat 19, Amersfoort;
Mej. J. Moll, Groote Ginkel 23, Ede(G);
de hr. J. Moll, landbouwer, ’Nengerman’, Groot Dochteren, Laren (G);
de hr. J. Mol, landbouwer, Brink E. 54, Geesteren(G);
de hr. L. Mol, koopman, F 23, Geesteren (G);
Dhr. W. Moll, veehandelaar, Hupsel C. 12, Eibergen;
de hr. A. Mol, particulier, Kerkweg B 85, Waarde (Z. Bev.);
de hr. J. B. Mol, banketbakker, Koningstraat 63, Hilversum;
Mevrouw G. Middelman-Moll, Voorthuizen;
de hr. K. A. de Mol, koopman, Groote straat 275, Waalwijk;
Mejuffrouw O. Moll, onderwijzeres, Hoofdweg 247-1, Amsterdam;
de hr. W. K. A. Moll, beheerder Stoomhoutzaagmolen ’Swijt’, Paramaribo;
de hr. G. Mol, machinist, Vriezeweg 29 (rood), Dordrecht;
de hr. J.J. Mol, landbouwer, B 118 St. Anth. polder, Ovezand (Z);
Dhr. D. Mol, meubelmaker, Oudwijkerveldstraat 6 bis, Utrecht;
de hr. J. Mol Pzn. , Hoofdopzichter Landverbetering, Rozenburg(ZH)
Dhr. L. J. Mol, sigarenfabrikant, Schrans 84, Leeuwarden.

B. Kort verslag van de handelingen van het Bestuur.
1) Een tweede, nieuwe uitnoodiging tot toetreding werd aan ongeveer 300 naamdragers verzonden, zoodat aangenomen mag worden, dat het bestaan der Vereeniging thans voldoende is bekend gemaakt.
2) Brieven met vragen om inlichtingen werden geschreven aan verscheidene binnen- en buitenlandsche bestuurslichamen en overheidspersonen.
3) Aan het Archief werd vlijtig doorgewerkt en met de bewerking daarvan volgens kaartsysteem begonnen.
4) Nieuwe merkwaardige fondsen werden opgespoord.
5) Een rondzendportefeuille in 4 series met een tweetal geschriften werd 26 Mei verzonden. De volgorde der lezers der portefeuille zal voortaan telkens veranderd worden. Het Bestuur abonneerde zich op ’De Navorscher’ en ’Das Archiv’, welke tijdschriften een volgend maal zullen rondgaan.
6) Dankbaar doet het Bestuur mededeeling van het in eigendom voor het Archief ontvangen van een belangrijke zending aanteekeningen, stamtafels en werken van Duitsche Mollen, afgestaan door Dr. Friedrich Moll in Berlijn.

C. VRAAG- van het Bestuur aan Heeren Doctoren onder de leden:
Beleefd verzoekt U het Bestuur, een exemplaar van Uwe dissertatie af te staan aan ons Archief, en dit in te zenden aan het adres van den Secretaris.

II. - GENEALOGIE. ’Van Oud-Zutfen tot heden. ’
I.
Uit: ’Signaat van het Schoutambt Zutfen.’, ’Protocollen van Kentenissen der Stad Zutfen. ’ en ’Wairboeck der Stad Zutfen’. (wair = weide. ) vgl. Warnsveld.

1. ’Hem zoe als op Maendach neest kommende eyn stefflick gerichtdach berraempt is tusschen Peter Moll an eyne ende Hillen Beroyngs ...’(hier breekt de acte af). ’Anno lxxo sex post vocem Jocunditatis. ’ (1 Juni 1470. )

2. ’An Derick van Keppel scheye Evert de Roede van wegen der vrouwen to Boedynck op Vrijdach naest kommende ende dat Peter Moll to kennen geven willen’ ’Op Sunte Johansdach Evangeliste (27 Dec) 1470. ’

3. 1468 komt Peter Mol waarschijnlijk als bijzitter (’ceurnoot’) voor in het gericht.

4. 1475 Dinsdag na ’Elisabet vidue’ is Peter Moll ’momber’ (voogd) van Andres, echte dochter van Geryt de Korte. Deze Peter Moll is hoogstwaarschijnlijk een zoon van Peter Moll, die 1409 ceurnoot is bij een zitting van het gerecht te Wisch onder den rechter Claes van Keppel en in Lochem woonde.

Goed 70 jaren daarna komt voor te Zutfen:
5. ’Gerit Bruekinck geeft volmacht op Peter Moll in zake tegen Jowb Ruerdinck.’ Vrijdag post Reminiscere (26 Maart) 1546.

6. Henrick Simonosz geeft volmacht aan verschillende personen, waaronder Peter Moll, stadtdiener. ’ ’Sondach na den heilige drie Koeningendach’(10 Jan.) 1547.

7. Overdracht ten behoeve van Peter Moll en zijn vrouw Marrie van een huis te Zutfen op de Nijestadt. ’Dinsdag post Petri en Pauli’ (30 Juni) 1551.

8. [Commentaar Jan Wies: Hier volgt de verbeterde versie van deel 2] 1556. Dinsdag op St. Agnetendag (21 Januari). - Peter Moll bekande vur hem ind sine erven alsoe Johan ter Hoeven, diener van Alarth van Haefften, van wegen desselven entfangen sall van Evert Vogell dardehalfhonderd goltgulden ’t stuck van negen ind twintich st.b.val.nae hollantscher valuatien, die der her van Keppell in crafft eines verdrages hebben sall, dat Peter Moll guet gesacht ind gelaefft hiefft. dat gedachte Alert van Haefften genanten Evert sine huysfrauwen ind oeren erven, daer vur tusschen dit ind en sonnendaige to Vastelavend niest khomende durch sich selven offte sinen vulmechtigen vestenisse von seesthien penningen ein doen sall sonder schattinge off getwes daran to kurten ind einen frien brieff averleveren sall, daer Evert sin huysfrauw ind oeren erven angeholden zin ind off daer enich hinder offte gebreck inne queme ind Evert sin huysfrauwe ind oeren erven des in schaden quemen dat Peter sine huysfrauwe ind oeren erven daer vur instaen sullen alsolcken hinder gebreck ind schaden op Peter alz principael sine erven ind guder die hie alle daervur onderpande settet tsullen moigen verhaelen ind uithpenden ind Johan vursz. gelaeffden vur hem ind siene erven den vursz. Peter ind sine erven hiervan to quiten to frien ind schadelosz thalden. Sonder arglist. ’ (Wordt vervolgd. )

Vraag van den redacteur: ’Wie waagt zich aan de omzetting hiervan in Nederlandsen van onzen tijd?’

III. - MEMORANDA.
1. Professor Gerrit Moll. geboren 18 Januari 1785 te Amsterdam, zoon van een deftig koopman Gerrit Moll en een zeer begaafde moeder Anna Diersen, beoefenares der poëzie, achter-kleinzoon van Gerrit Mol, suikerbakker op de Bloemgracht, (later Keizersgracht) en Aaltje Kosters (van Brenen). Voor den Koophandel bestemd, werd hij in een voornaam handelshuis te Amsterdam geplaatst. Hij toonde echter meer neiging voor oude talen en wiskunde, ontving daarin onderricht van der heer Keyser. Op 16-jarigen leeftijd hield hij zich bezig met sterrekundige waarnemingen; in 1804 maakte hij kennis met den beroemden kunstenaar Troughton in Londen. Door zich als student aan het Athenaeum te Amsterdam te doen inschrijven, ontging hij de conscriptie. 1805 bepaalde hij met Professor van Beek Calkoen te Utrecht het meridiaanverschil tusschen Amsterdam en Utrecht, door middel van vuurseinen op den toren te Loenen. In 1810 ging hij als cand. phil. naar Parijs en volgde de colleges van den astronoom Delambre. In 1812 werd hij Directeur v.h. Observatorium te Utrecht, en in hetzelfde jaar Professor aldaar, in welk ambt hij 11 Dec. 1837 jubileerde.
De Stadsbibliotheek te Utrecht bewaart onder Nr. 1118 alle diploma’s van de benoemingen van Gerrit Moll tot lid van tallooze geleerde genootschappen en verscheiden buitenlandsche wetenschappelijke stichtingen, als van de Royal Astr. Society te Londen, de Académie Royale te Brussel, van het Kon. Ned. Inst. van de Sterrek My. te Londen, van de Société de géogr. te Parijs. Tot Dr. honoris causa benoemden hem de Akademie te Utrecht, die te Edinburg en die te Dublin; eereburger werd hij van Edinburg. De regeering erkende zijn verdiensten door zijn benoeming tot Ridder van de Ned. Leeuw. Talloos zijn de van zijn hand verschenen verhandelingen op het gebied van de wiskunde, sterrekunde en aardrijkskunde. Interessant zijn boekje: ’Verhandelingen over de vroegere zeetochten der Nederlanders’, waarin het reisverhaal van Linschoten (1825). Zijn beteekenis werd in vele geschriften naar voren gebracht. Wij noemen slechts de ’Oratio de Gerardo Moll’ van L. G. Visscher (1840).
Hij huwde 30 Sept. l8l8 met Johanna van Teutem, dochter van Ds. Frederik van Teutem en Hendrina Tiedeman. Zijn schoonvader was ook een bijzonder knap, vooraanstaand ’self made man’. Professor Moll stierf 17 Jan. 1838 aan zinkingskoorts ten huize van zijn vriend Mr. F. A. van Hall te Amsterdam; hij werd te Amerongen begraven, waar ook zijn moeder rustte. Zijn geslacht, dat voor zoover wij weten, op geen beroemde voorvaderen bogen kan, stierf met hem in de manlijke linie uit.

Bronnen:
van der Aa ’Biograf. Woordenboek. ’
R. van Rees ’Algemeene Kunsten Letterbode’, 1838.
Utrechtsche Studentenalmanak, 1839.
L. G. Visscher ’Annales academici’ 1837/38. )
Gem. Archief Amsterdam.

Overzicht:
I
Gerrit Mol (van Munster) (Geb: 1660, Overl: 30/11/1718, suikerbakker) trouwt 13/7/1708 te A’dam met Alida Koster (van Bremen) (Geb: 1678, Overl: 27/9/1721, hertrouwd op 27/7/1719 met C. Swijggelman)
II
Gerrit Moll. (Geb: 3/10/1715 te A’dam, Overl: 8/6/1797 te A’dam) trouwt 27/3/1755 te A’dam met Susanna Catharina Bruyn (Geb: te Dordrecht)
III
Gerrit Moll (Geb: 31/12/1755 A’dam, koopman; Overl: 16/2/1812 Amerongen) trouwt 17/6/1784 met Anna Diersen (Geb: 1765, Overl: 12/1/1831 te Amerongen)

Willem Johannes (Geb: 21/7/1760 A’dam, Overl: 18/3/1825) trouwt 23/1/1806 te A’dam met Elisabeth Croes (Geb: Amsterdam 1776, Overl: 27/12/1860 A’dam)
Anthony Frederik (Geb: 4/2/1765 te A’dam, Overl: 20/12/1802 te A’dam)

IV
Kind v Gerrit Moll en Susanna Catharina Bruyn: Prof. Dr. Gerrit Moll (Geb: 18/1/1785 A’dam, Overl: 17/1/1838 A’dam) trouwt 30/9/1818 te Utrecht met Johanna van Teutem (Geb: 19/9/1800 Gouda, Overl: 6/2/1858 Doesburg)

V
Anna Moll (Geb: 17/4/1827 Utrecht; Overl: 6/5/1861 te ?) trouwt 30/5/1850 te Doesburg met John Enstie Herklots (Geb: 15/9/1820, Overl: 24/6/1861)

VI
Jane Henriette Anny Herklots. (Geb: 28/2/1851 Doesburg, Overl: 14/10/1875 Rotterdam) trouwt met Louis Willem Havelaar (Geb: 6/4/1850 Ellecom)

IV. CURIOSA.
De gemeente Schermerhorn heeft in haar wapen een mol van sabel, op een terras in natuurlijke verf (bij besluit van den 22/10/1817 van den Hoogen Raad van Adel op verzoek van het gemeentebestuur als wapen aangenomen. )

In Römhild (Sachsen-Meiningen) van Thomas Moll schout tot zijn dood 1612. Op de gedenktafel in R. wordt hij uitgebeeld met zijn kinderen, vrouw en wapen met de inscriptie: ’Thomas Moll F.S. pestaldter Landshaopt und Amptmanhan der herschaft Romhild 1601’ (= bestallter=’benoemd’ Landeshaupt und Amtmann’) (NB. het wapen is een gekroonde mol met een bijl in de poot. )

Bij de begrafenis van Hendrik Ernst baron von Spörcke, gouverneur-generaal van Suriname, overl. Paramaribo 7/9/1752, fungeerde de Heer Moll ’uit den Hove van Politie’ als slippendrager. Deze Heer was Johannes Moll, aanlegger en eigenaar van plantage ’Molhoop’ in de Cottica. Hij werd den 20/12/1748 ’Raad’ van Politie en was gehuwd met Anna Amelia Bertrand. Zijn dochter was gehuwd met den procureur Piter Brouwerd, een van de ijverigste cabalisten (dat zijn tegenstanders van gouverneur Mauricius). In 1752 was hij Raad van Civiele Justitie. Hij werd begraven in de Hervormde Kerk te Paramaribo. (Zie Naamregister 1912 in ’de Navorscher’ , afl. 2, 3 en 4. Zerk no. 81. )


Uit VERLEDEN, het HEDEN,
Driemaandelijksch Tijdschrift van de Vereeniging ’Families Mol(l).
Gevestigd te Utrecht.
Eerste Jaargang, nummer 2                                            1 Octr. 1931.

Bijdragen of correspondentie in te zenden bij den Redacteur, Johan v. Oldenbarneveltlaan 21, Amersfoort.

Mededeelingen van het Bestuur.
A. Verbeterde en aangevulde Leden- en Donateurslijst.
Leden:
Mevrouw A. Moll-Ziegenhirt von Rosenthal, Mecklenburglaan 43, Rotterdam.
Mevrouw L. C. Kroese-Moll, Deli-My. , pl. Toentoengan, Medan, O. K. Sumatra.
de Hr, C. L. Moll, 1e geëmpl. s. f. ’Kremboong’, halte Toelangan, Java.
de Hr. J. Moll van Charante, Huize ter Wadding, Voorschoten.
Mevrouw G. Middelman-Moll, Barneveld.
de Hr. J. H. M. Mol, wijnhandelaar, van Slichtenhorststr. 86, Nijmegen.
de Hr W. J. M. Mol, Zilvervossenfokker, Oosterhoutsche weg C. 59, Teteringen.
Mevr. W. C. M. Clerx-Mol, Berg-en-Dalsche weg 228, Nijmegen.
de Hr. J. Mol Pzn, hoofdopzichter landverbetering, D 98, Rozenburg.
de Hr. Chr. Mol, arts, Etten. (NBr. )
Donateurs:
Mej. W. M. Moll, oud-onderwijseres, van Pallandstraat 67, Arnhem.
de Hr. M. Mol, landbouwer en assuradeur, Vierpolders.
de Hr. J. de Mol, manufacturier, Heusden.
Mej. A. G. M. Mol, Achter den Dom 10, Utrecht.
de Hr. G. Mol, onderwijzer, Herlaerstraat 23 b, Rotterdam.
de Hr. F. G. Mol, muziekdirecteur, Eeskeslaan, Kollum.
Mej. J. E. H. Moll, Amalia v. Solmstr. 67, ’s-Gravenhage.
Mej. A.C.M. Moll, Floralaan 38, Apeldoorn.

B. Ingezonden voor het archief werd het portret van Professor Gerrit Moll, waarvan in Nr. 1 van dit Tijdschrift gehandeld werd. Het Bestuur dankt ten zeerste de schenkster, Mevrouw M. M. J. Nijland-Moll. Sterrewacht, Utrecht,

C. Dit nummer van het Tijdschrift wordt alsnog aan alle leden en donateurs gratis gestuurd. Het Bestuur besloot in de vergadering van 29 Aug. jl., dat in verband met art. 12 van het HR, voortaan zij, die als donateur minder dan f 2,50 contribueeren, het verschil van f 2,50 in contributie zullen moeten bijbetalen, willen zij het Tijdschrift verder ontvangen. De Secretaris verzoekt dus beleefd voor 15 October a. s. opgave:
1) Wie van de donateurs, die minder dan f 2.50 contribueeren. wenschen. dat hun het Tijdschrift voortaan wordt toegezonden?
2) Wie van de leden en donateurs verzoeken verdere toezending van de leesportefeuille?

Genealogie ’Van Oud-Zutfen tot heden. 
vervolg
9. 1550, Zaterdag, 7 Lambertii - Peter Moll van Loghem burger gemaickt en is sine ein Riden Diener angenommen und hefft sin burghereedt gedain und Johan van Vorthuesen borgemeister heft hem den eedt gestafft mede van dat Riden ampt van op die hant gedain, dat hij getruellicke dienen sall als een getruewe diener to beheurst. ’
10. 1557. Zaterdag na Margareta virginis (17 Juli). - Derck van Keppel bekant dat hij macht und gewalt gegeven heft und maecktt mechtich Peter Moll alsulcke kundschap und getuchnisz der waerheit als hem van z. Andriesz Schymmelpenninck unsern mytraetszfrundth tho furderen noedich, myt recht tho eisschen und erfurderen und dan volgentz gemelte getuechnisz alsz recht is tho laeten bestedigen. Und sunst int generael mytrecht daer in tdoin wes hij eigener personen mytrecht daer inne soll doin muegen niet daer van uithgescheiden. Sonder arglist. ’
11. 1557 Dinsdag na Oculi (23 Maart). - Peter Moll by hem selven ind Merie, sin echte huysfr. mit hem alz mit oeren man ind momber ordelick darthoe verkoren bekanden vur hon ind oeren erven dat zie verkofft hebben ind jaerlix schuldich zin Ailbert Goetinck Stine siner echter huysfrauwen ind oeren erven viff golden gulden jaerlix, den gelden gulden tot XXIX st.br.val. na hollantscher valuatien gereckent tbetalen alle jaer up Letare Hierusalem Midtfasten XIII daige vur off nae onbehaelt dar van die eirste termin up Midtfasten nu niestkomende aver ein jaer eirstverschienen sall wesen uith oer huysz gelegen in die Barleheze in die Mollenstraite mitter einerzijdt an Gerit Holthsniders huysz mitter anderzijdt an Thonis Staels huysz achterstreckende an Joffer van Holthusens conventuael then Isendorns huysz ind weer frij ind guit Beholtelick Peter ind Merien vursz. ind oeren erven dat zie diese viff g.g. jaerlix vursz. up alle termine der betalinge weder omme quitkoepen und loezen moigen XIIII daige vur off nae onbehaelt mit hondert goltgulden offte die rechte werde daer vur alz vursz.  in golden offte guden silveren paymente ind mitter pensien alsdan verschienen. Sonder arghlist. ’
12. 1558. Dinsdag na Purificationis Mariae(3 Febr.). - M. Alphert van Tyll und Gerrit Aitsack unsere mytraetzfrunde als provisoren und upsieners des alden gasthueses bekennen voer oen und oere naekhoemelinger, dat sy myt consent des Raitz in einen vasten steden erfkoep erflicken und ewelicken verkoft und upgedraegen hebben, draegen up und vertegen van der handt als erfkoeps recht is. Peter Mol, Merrie syener huesfr. und oeren erven des vursz. gasthueses huesz gelegen in der Barlehesen mytter einer zietaen Jorien Mullers huesz, mytter anderer ziet aen Marcelis Steenmetzlers huesz achterstreckende aen unser statmuyr vry und qwyet Beheltlicken den heren syenen thynsz und sesz statt jaerlicks denghoenen die daer recht tho hebben und gelaefden die vursz. provisoren und upsieners voer oen und oere naeckhoemelingen van wegen des vurss. gasthueses dem vurss. Peter Merrien syener huesfr. und oeren erven dit vurss. huesz tho staen wachten und waeren jaer und dach als erfkoepsrecht is allen hinder und voerkommer afthodoen jegen alle die ghoene, die desz ten rechten kommen willen. Sunder arghlist.
In margine: ’Anno XVCLXX op ten Donderdagh, nae Oculi (2 Maart) Peter Mols huesfr. desen brieff van dese kentenisse gedaenn.’
13. 1566. Zaterdag na Reminiscere (16 Maart). - Peter Moll bij hem selvenn unnd Marrie synn echte huessfrow mit oem alss oerenn echtenn mann unnd momber ordentlich daerthoe verkoerenn unnd bekanden voer oenn unnd oerenn ervenn dat se verkocht hebben unnd Jairlicks schuldich synn Philips Smit unnd Derick Kannemaecker alss Olderluede vann der heilige Drie foldigheitgilde tot behueff desselvenn gilde unnd oerenn naeckoemelingen twee gulden jairlicks XXVIII st.br.val. voer denn gulden gereeckennt thoebetaelenn jaerlicks unnd alle jair up sannt Peter ad Cathedram XIIII daege voer off nae onbehaelt uith oere huesunge gelegenn inn der Barlehesenn mit der eyner sijdt aenn z. Jorienn Mollers huess, mit der annder sijdt aenn z. Mr. Marcelliss Steenmetslers huesunge achterstreckende aenn der stadt muer frij und qwit beheltelick denn herrnn synen thinss unnd twee gulden jairlicks denn ghoenenn die daer recht thoe hebbenn beheltelick oeck dat Peter unnd Marrie vorss. off oere ervenn dese twee gulden jairlicks unnd alle jair inn tijt der betaelunge wedderomme qwitkoepen unnd loesenn moegen mit twee und dartich derselver gulden inn golden off sijlverenn paijmente unnd mit der pensien alss dan verschennen. Sonder arglist.
14. Uit het weideregister der stad Zutfen: - ’hebben hun geld geteld; ’Peter Moll ende Marrie sijn huysfr. voer syns Peters an dezer stadt restierende schult’ (op ten XXV februari XVCLXXVI’ (1576).
15. ’hebben ohr gellt getellt op ten XV Februarii XVCLXXVI Peter Moll und Marrye synen huysfr. voer synn Peters ann desen stadt resterende schuldt.

Nu Rutger Moll filius.
Op ten XXI may XVCLXXXIj (1581) op branding na beesten. Rijdende dyenaer: ’Peter Moll’ (tot 1607).
(Wordt vervolgd).

III. MEMORANDA .
De naam Mol wordt op enkele plaatsen in levende herinnering gehouden, b.v. door namen van straten en huizen. We kennen o.a. in Delft uit de eerste helft der 14e eeuw een huis ’de Mol’. en thans nog de Molslaan en -steeg; in Rotterdam de Molsteeg. in Dordrecht was in 1527 sprake van een huis ’de Mol’, ’waarvan de verkoop belet wordt.’ In Amsterdam komt de naam Molsteeg reeds in het midden der 16e eeuw voor: ze was genoemd naar een huis dat reeds in 1533 vermeld wordt ’de vergulde Mol’, waarin een boekverkooper woonde.
In Zaandijk. Lagedijk no. 238, ten Noorden van de Zaandijkersluis, staat nog heden ten dage ’het Koopmanshuis d’Mol’, thans bewoond door den bekenden historicus, den heer G. J. Honig. In den voorgevel prijkt prachtig houtsnijwerk, als bovenlichtversiering, bewerkt met harpoenen en andere gereedschappen, waarboven een mol ligt. Een foto ervan is aanwezig in de Zaanlandsche Oudheidkamer in het gemeentehuis te Zaandijk, alsmede in het archief onzer vereeniging.
De foto van de achterzijde geeft een gedeelte van het huis weer, waarop vermeld staat ’Groenland’; in den tuin staat in den grond een gedeelte van een walvischkaak. Dit koopmanshuis ’de Mol’ is in 1903 hernieuwd en gebouwd of verbouwd in 1795 door den koopman Claas Neven Molsz. Hij stamde uit het zeer aanzienlijk geslacht Mol, eigenaars van verscheiden molens en Directeuren van Groenland- en Straat Davis vaarders (walvischvaarders) meer dan honderd jaren door. De familie Mol woonde oorspronkelijk te Jisp, dat in de 16e en 17e eeuw bereikbaar was voor zeeschepen. Toen de plaats door verval van de graanvaart op de Oostzee en van de walvischvaart verviel, verplaatsten zich de rijke kooplieden en reeders naar de Zaan, welke beter bereikbaar was.
Jisp, de bakermat der familie, bewaart haar aandenken, behalve in de boeken ten raadhuize en in het archief, ook in een tiental grafzerken op het kerkhof en in de kerk. We citeeren een eenvoudig sprekend gedichtje, nog duidelijk leesbaar, op een er van:
’Hier sluimert Dieuwertje
Weleer de vreugd en troost
Van Yp, haar echtgenoot
en van haar dierbaar kroost,
een spruit van Maarten Mol
so braef een afkomst waerdig,
De dood ontziet geen rou
hoe bitter, hoe rechtvaardig.
Gestorven 22 Juli 1771,
oud 58 jaar, 5 maanden, 15 dagen.
enz.
Op de meeste dier graven is een Mol uitgebeiteld, loopende op het land; op een der oudste (febr. 1696) een koperen mol en een koperen letter M geplaatst. Op een andere een molen; ’de Ketel’(1619), waar Trijntje Mol en haar man Cornelis Bettelem begraven werden.
Onder de Directeuren van Groenland- en straat Davis-vaarders vinden we:
in 1700-’08 Jan Jacobs Mol, die 9 uitrustingen deed.
in 1700-’08 Pieter Pieters Mol, die 34 uitrustingen deed.
in 1700-’28 Jacob Jansz. Mol, die 2 uitrustingen deed.
in 1700-’02 Lourens Mol, die 1 uitrusting deed.
in 1700-’08 Zeger Mol, die 7 uitrustingen deed.
in 1701-’31 Marten Mol, die 41 uitrustingen deed.
in 1707-’28 Jan Lourens, Jakob en Zeger Mol. die 161 uitrustingen deden.
in 1709-1719 Pieter en Jan Mol. die 47 uitrustingen deden.
in l729-’39 Wed. Zeger Mol en Zoon (Jan), die 11 uitrustingen deden.
in 1729-’30 Cornelis Mol, die 2 uitrustingen deed.
in 1738-’43 Jan en Cornelis Mol, die 8 uitrustingen deden,
in 1757-’68 Bettelem & Mol, die 12 uitrustingen deden,
in 1724-’28 Lourens Mol, die 5 uitrustingen deed.
in 1729-’31 Cornelis Mol. die 3 uitrustingen deed.
in 1731-’39 Jan en Cornelis Mol, die 14 uitrustingen deden,
in 1732-’33 Marten Mol, die 2 uitrustingen deed.
In 1712 werd de vloot onder Commandeur Jan Balk, die voer voor Pieter en Jan Mol te Jisp (Groenl.), door de Franschen genomen, doch door den Commandeur Jacob Schol weder hernomen. Door leden van het geslacht Mol werden van 1700-1768 341 uitrustingen naar Groenland gedaan, terwyl in ’t geheel uit Jisp 565 schepen zyn uitgerust.
Van de 8 Jisper firma’s (Cornelis Ploeger, Lourens Mol, Jacob Mol. Cornelis Mol, Jan en Cornelis Mol, Dirk Timmer, Simon de Lange, Marten Mol), die samen 33 schepen uitrustten, droegen 5 den naam Mol met 29 uitrustingen.
We weten, dat er bv. in 1701 met 22 schepen 246 walvisschen gevangen werden, welke 7785 vaten spek leverden, in 1705: 21 schepen met 232 visschen aan buit en 7448 vaten spek, in 1717: 16 schepen met 197 visschen en 5880 vaten spek. Daarentegen bracht het jaar 1792 aan buit 6 visschen met 60 vaten spek.
Claas Neven Mols zn. , die den familienaan van zijn moeder en zijn vader droeg, was koopman, oliefabrikant, eigenaar van 2 molens: ’de Hoop’ te Wormer en ’de Zon’ te Oostzaandam, lid van het Comité van Koophandel en Zeevaart voor Zaandijk, Schepen van de banne van West-zaandam, lid der municipaliteit. Een origineel handschrift van den maire J. van Vleuten, is onderteekend door hem als lid van den Municipalen Raad.
Interessant is het feit, dat Claas Neven Molszoon. oud 15 jaren, den 19/9/1764 is beleend geworden met een stuk land te Jisp, by doode van zijn vader Jan Jacobs Mol, welke 20 Oct. 1729, oud 7 jaren, daarmede verlijd was bij doode van zijn vader Jacob Jans Mol, die er 23/5/1690 mee was verlijd, ontvangende het van zijn vader Jan Jacobs Mol . die er 20/8/1665 mee was beleend bij opdracht van Cornelis Claeszoon Neven.
Het Jisper geslacht Mol behoorde tot de Doopsgezinde gemeente; ± 1670 worden Jacob en Maartens Jansz. Mol vermeld als vermaners, en van een Maarten Jansz. Mol. vermaner in de gemeenten Wormer en Jisp zijn leerredenen in druk verschenen.
Op een kaart van de molens van de Zaanstreek, uitgegeven door de Zaansche Vereeniging voor Vreemdelingenverkeer komt als ’verdwenen’ de molen ’de Mol’ voor; deze werd herbouwd ±1790, nadat ze verbrand was, door Meindert Donker. Naar deze molen heet de overgang in het Noordeinde van Wormerveer over de Zaan naar Wormer: het Moltjesveer.

Bronnen: Doop- en Trouwboeken van Jisp en Wormer, Rijksarchief,
Alg. Ned. Familieblad 1883-84, nr. 114 en 115.
Secretarie van Jisp.
Secretarie van Zaandijk.
Persoonlijke mededeelingen van den Heer G. J. Honig, Zaandijk.
Historische Oudheid- en Letterkundige studiën door J. Honig.
Valentijn: ’Oud-en Nieuw-Oost-Indië’.
Eigen bezoek aan Jisp.
Bijzonderen dank betuigt de samensteller van bovenstaand artikel aan de HH. van der Goes en H. van de Woestijne, secretaris en loco-secretaris van Zaandijk en Jisp, J. Meijer, Rijksveldwachter en diaken te Jisp en den Heer G. J. Honig, te Zaandijk.

Overzicht JISP:
I
Jan Mol ±1600.

II
Kinderen van Jan Mol:
Pieter Jansz. Mol (Overl: 20/11/1670) Gehuwd met: Mary Pietersdr (Overl: 22/11/1669)
Anna Jansdr. Mol (Overl: 29/9/1679)
Jan Jansz. Mol (Overl: voor 1700) Gehuwd I: ........, Gehuwd II: met Wampjen Pietersdr. (Overl: 21/2/1696)
Jacob Jansz. Mol (*1), 1683 vermeld.

III
Kinderen van Pieter Jansz. Mol en Mary Pietersdr
Jan Pieters Mol (Overl: Dec. 1693)
Mary Pietersdr (Overl: 31/8/ 1670)
Pieter Pietersz Mol (*1), (Geb: 1665. Overl: 1710) Gehuwd I met Guurtje Cornelis Heertjes.(Overl: 25/4/1702) en Gehuwd II: 7/6/1705 met Duifje Floris de Lange. (Geb: te Wormer.)

Kind van Jan Jansz. Mol en Wampjen Pietersdr
Maartens Jansz.Mol (*1) (Overl: na 1732) Gehuwd: 23/1/1700 met Cleyntje Pieters Boots

Kind van Jacob Jansz. Mol
Jan Jacobs Mol (*1) (Geb: 1656, Overl: 5/8/1728) Gehuwd I: Eefje Lourisdr. (Overl: 21/1/1690) en Gehuwd II: 11/7/1694. met Wympje Pieters (Geb: te Oostzaandam)

IV
Kind van Pieter Pietersz Mol en Guurtje Cornelis Heertjes
Marytje Pieters Mol, Gehuwd: 3/3/1704 Claes Bruyn (Geb: te Monnikendam)
Kind van Pieter Pietersz Mol en Duifje Floris de Lange
Jan Pietersz Mol (*1), Gehuwd: 14/5/1713 Catryntje Leenderts Lijns (Geb: te Zardam)

Kinderen van Maartens Jansz.Mol en Cleyntje Pieters Boots
Tryntje Maartens Mol (Geb: 12/12/1700, Overl: 13/7/1749) Gehuwd: met Simon Cornelis Bettelem (oud-burgemeester van Jisp, Overl: 17/2/ 1766)
Jan Maartens Mol (Geb: 22/2/1701, Overl: 21/11/1749) Gehuwd: 18/6/1730 met Eef je Louris Mol.
Engel Mol Gehuwd: 21/10/1731 met Neeltje Cornelis Ploeger
Aagje Maartens Mol (Geb: 28/2/1710, Overl: 9/7/1755) Gehuwd: 25/5/1732 met Simon Jacobs Bootsman (Geb: ?/5/1710, Overl: 15/2/1753)
Dieuwertje Maartens Mol (Geb: 7/2/1713, Overl: 22/7/1771) Gehuwd: 22/5/1741 Claes Willems IJp (Overl: 1750)

Kinderen van Jan Jacobs Mol en Eefje Lourisdr
Louris Jansz. Mol (*1) (Geb: 1678, Overl: 10/5/1728) Gehuwd: 23/5/1700 met Impje Cornelis Heertjes (Geb: 16/1/1678, Overl: 16/10/1726)
Jacob Jansz. Mol (*1) (Overl: ?/7/1729) Gehuwd I: 4/2/1714 met Grietje Alders Al Gehuwd II: 16/7/1729 met Josiena Renoy
Zeger Jansz. Mol (*1) (Overl: vóór 1729) Gehuwd 11/3/1708 met Duifje Engels

V
Kinderen van Louris Jansz. Mol en Impje Cornelis Heertjes
Cornelis Mol (*1) (Seylemaker) Gehuwd 18/5/1736 met Duif je Jans Al.
Jan Louris Mol, Gehuwd: ??
Eefje Louris Mol (Geb: 13/8/1706, Overl: 13/3/1753) Gehuwd: 18/6/1730 met Jan M. MoI

Kinderen van Jacob Jansz. Mol en Grietje Alders Al
Jan Jacobs Mol (Geb: 11/1/1721 te Wormer, Overl: 22/10/1763, koopman en Reeder en Schepen) Gehuwd: met Dieuwertje Claas Neven (Geb: 29/5/1723, Overl: 25/2/1779)
Grietje Mol (Geb: 16/9/1722 te Wormer)
Cornelis Japiks Mol (burgemeester) Gehuwd: met Vrouwtje Hendriks Bruins .....

Kinderen van Zeger Jansz. Mol en Duifje Engels
Jan Segers Mol Gehuwd: 12/5/1737 met Breghjen Maartens van Embden
Eefje Zeegers Mol Gehuwd: 23/9/1736 met Cornelis Ploeger

Kind van Dieuwertje Maartens Mol en Claes Willems IJp
Guurtje Mol (Geb: 1745 Overl: 16/9/1794)

VI
Kind van: Jan Louris Mol (Zv Louris Jansz. Mol en Impje C Heertjes) en Onbekend:
Louris Jansz Mol (Geb: 1736, Overl: 4/1/1775) Gehuwd: 16/5/1756 met Grietje Cornelis Groot.

Kinderen van Jan Jacobs Mol en Dieuwertje Claas Neven:
Grietje Mol (Geb: 2/12/1745, Overl: 6/5/1808) Gehuwd: 7/12/1766 met Mr. Cornelis
van Neck (Secretaris van Purmerend, Geb: 28/8/1740, Overl: 9/3/1785) Uit dit huwelijk volgen 4 kinderen
Claas Neven Mol (Geb: 3/1/1749, Overl: 25/2/1828, Schepen) Gehuwd: 18/8/1771 met Mientje Louris Hogendorp (Geb: te Zaandijk)

Kinderen van Cornelis Japiks Mol en Vrouwtje Hendriks Bruins
Jan Crelis Mol (Geb: 8/5/1755 te Wormer)
Hendrik Mol )Geb: 19/9/1759 te Wormer)

VII
Kind van: Louris Jansz Mol en Grietje Cornelis Groot
Eefje Louris Mol (Geb: 30/11/1760, Overl: 31/5/1788)

Kinderen van Claas Neven Mol en Mientje Louris Hogendorp
Jan Mol (Geb: 18/1/1779, Overl: 1815) Gehuwd: 4/5/1800 met Neeltje de Lange. Dit huwelijk bleef kinderloos.
Cornelis Mol (ongehuwd)
Lourens Mol (ongehuwd)

(*1) zijn Directeuren van de Groenland- of Straat Davisvaart. (Op vorige stencil).

© Jan Wies 2017 | j.wies@planet.nl | Kruislaan 28, 2131WD Hoofddorp | telefoon: 023 5636680 Sponsored by Clic2connect