Tekst   Foto's
HOME    
uVhH 1931-32 Deel 1
uVhH 1931-32 Deel 2
uVhH 1932-33 Deel 1
uVhH 1932-33 Deel 2
uVhH 1933-34 Deel 1
uVhH 1933-34 Deel 2
uVhH 1934-35 Deel 1
uVhH 1934-35 Deel 2
uVhH 1934 Verslag
uVhH 1935-36 Deel 1
uVhH 1935-36 Deel 2
uVhH 1936-37 Deel 1
uVhH 1936-37 Deel 2
Talpa 1936-37 Deel 1
Talpa 1936-37 Deel 2
Talpa 1937-38 Deel 1
Talpa 1937-38 Deel 2
Talpa 1937-38 Deel 3
Talpa 1938-39 Deel 1
Talpa 1938-39 Deel 2
Talpa 1939-40 Deel 1
Talpa 1939-40 Deel 2
Talpa 1940-41 Deel 1
Talpa 1940-41 Deel 2
Talpa 1941-42 Deel 1
Talpa 1941-42 Deel 2
Talpa 1942-43 Deel 1
Talpa 1942-43 Deel 2
Talpa 1943-
Talpa 1946-
Talpa 1948-
Talpa 1949-
Catalogus Archief Deel 1
Catalogus Archief Deel 2
Catalogus Archief Deel 3
Fam Mol Stam Hekelingen 1
Fam Mol Stam Hekelingen 2
Fam Moll Stam Velp Deel 1
Fam Moll Stam Velp Deel 2
Fam Moll Stam Velp Deel 3
Fam Mol Zeeland Deel 1
Fam Mol Zeeland Deel 2
Fam Mol Zeeland Deel 3
Fam Mol Zeeland Deel 4

GENEALOGIE.

Oude Belgische Geslachten De Mol.

Als voortzetting en aanvulling der mededeelingen op pag. 7 van Talpa 5 moge het volgende dienen:
Een van de oudste werken over Brussel: E. Puteanus „Bruxella" noemt als de 7 belangrijkste Patriciërfamilies de „Tserhuyghs, Sweerts, Tserroelofs, Roodenbeecks, Sleeuws, Steenweeghs en Coudenberghs". Bij de ordening in Consules (stadsregeering), scabini (schepenen) en thesaurarii (ontvangers) komt de naam de Mol tallooze malen voor bij de drie groepen, en wel behoorende van oorsprong tot de 3 geslachten „Tserhuyghs", „Sweerts" en „Tserroelofs". De „Tserhuyghs" (Sieur Huygh of de Heeren „Hugonianae", dus van het geslacht Hugo); de „Sweerts" (van de familie „Sweertianae", zwaarddragers, „gladiï"); de „Tserroelofs" (Sieur Roelof, Heeren Roelof of Rudolf). De Tserhuyghs hebben de lelie in het wapen, de Sweerts de punt van het zwaard, de Tserroelofs: blokjes.
Aan de 7 families wijdt Puteanus een vierregelig vers:
"Septem Colles Roma suos jactat, septem Ostia Nilus,
Astra micant totidem lucidiora Poli
Bruxella, Nilus, Cealumque, Roma Brabantis
Progeniec septem convenienter habit".
(Rome heeft zijn 7 heuvels, de Nijl 7 monden,
evenveel schitterende sterren, nog schitterender dan de Poolster;
Brussel heeft zooals ’t behoort 7 Brabantsche voorgeslachten).
Daaronder volgt in een grooten cirkel ingesloten een vernuftig gevonden zinnebeeldige voorstelling der zeven geslachten, ieder in een kleinen cirkel, met telkens hun wapenbord, gezamenlijk gegroepeerd om de Vrouwe Justitia in een middelsten cirkel.
De „Coudenberghs" zijn die graven van Leuven, die later Hertogen van Brabant werden en op den nog bestaanden Coudenberg zich vestigden.
Interessant voor ons is, dat we in de in het raadhuis van Brussel zich bevindende in glas geschilderde wapens van de familie „de Mol" (’t zijn er 7) de blokjes van de Roelofs, de lelie van de Hugones, het zwaard van de Sweerts, zelfs nog de leeuw van de Sleeuws terug vinden, maar nog meer treft het ons, dat de oudste de Mol onder de „consules" (magistraten) van 1274 af en zelfs nog 1345 een Rudolphe, Raoul of Rolin de Mol (de „Tserroelof") was, dat uit de actes van ’t archief van Tongerloo uit ± 1400 blijkt, dat Hendrik de Moll, gezegd Hueghs (Tserhuyghs) en Katerien zijn vrouw een geldrente schonken op een huis.
De naam Hugo Mol komt overigens 1227 voor in een acte van het ambacht van IJperen, waar van „Woitinus", schepen, filius Domini Hugonis Mol gesproken wordt en in een acte in Fransch Vlaanderen, waar 19 Jan 1223 van den ridder Hugo de Molle gesproken wordt:
In „Etude sur les jetons de la familie de Mol" van Ed van den Broeck 1888 worden door den schrijver 2 groote takken der familie de Mol, of S’MoIs genoemd, nl de Steenweghs (één der 7 families van Puteanus) en de TserRoelofs.
Gaan we nu de lijvige lijst der de Mol vertegenwoordigers (’t zijn er meer dan honderd) die Schepen, Burgemeester of Schout v Brussel waren van 1274 tot 1589 na, dan treffen we vooral aan de namen Rudolphus, Kolin, Roland de Mol, Ivain de Mol, Thierry (= Dirk) de Mol, Jan de Mol, eenmaal Gaspard de Mol en Anton de Mol. (Zie henne en Wouters „Histoire de la ville de Bruxelles", 3 dln 1845 en minder compleet C. Butkens „Trophees tant sacrés que profanes du Duché de Brabant", 4 dln 1724-’26) We citeeren 1513 Sire Roland de Mol, Schout van Brussel, Heer van Wespelaer „vaillant homme de guerre" onderscheidde zich bij het beleg van Doornik, waar hij de boogschutters aanvoerde, 1566 was Jan de Mol, luitenant van het feodale hof, de voornaamste aanhanger van Lodewijk van Nassau, 1488 was Brussel op de Statenvergadering te Gent vertegenwoordigd door den burgemeester henri de Mol, en den eersten Schepen Roland de Mol.
Een zoon van Thierry de Mol en Catherine de Werve was de reeds vroegen door ons genoemde Pierre de Mol, de Heer van Hogevorst en Groot Valkenier van koning Philips II, die na 1571 huwde met Lievine Borluut, wed van henri van der Gamere, dochter van Lievin Borluut, Heer van Jerusalem, van Boucle S Denis, overl 13 Mei 1548, en Marie d’Amman, overl 7 April 1574, en kleinkind van Lievin Borluut en Marguerite de Gorges
Casparis de Mol (over wien, zie Talpa 5), was gehuwd met Adrienne van der Noot, dochter van Jérome van der Noot en Marie van Nassau (overl 2 Jan 1521, dochter van Engelbert van Nassau van Breda). (Zie C. de Francken „Recueil historique généalogique" 1823)
Jona Willem te Water „Historie van het verbond en de smeekschriften der Nederlandsche Edelen, ter verkrijging van vrijheid in den godsdienst en burgerstaat 1565-1567", Middelburg 1795, 3e stuk, zegt van de familie de Mol, oa „Hoe groot de luister van dit geslacht geweest is, kan men besluiten, zoo uit de heerlijke goederen, door hetzelve bezeten, als uit de huwehjksverbintenissen met de voornaamste geslachten, men vindt, dat aan dit Huis toebehoorden Wespelaer, Oetingen, Lifferinge, Loppoigne, Meerendael, Raamsdonk, Balen, Dessel, Roland, Herent, Moll. Door huwelijken was het verbonden met de geslachten van Piek, Boetzelaer, Serclaes, d’Enghien, Pipenpoy, van der Noot, Hinckart, le Sauvage ea (Zie ook „Recueil généalogique des Fa. milles originaires des Pays Bas, Rotterdam 1775, Le Charpentier „Cambresis", waarin Jean de Mol voorkomt als „Conseiler de la Province d’Artois, huwende met Cathérine de Bassecourt).
We noemen verder Martin de Mol, gehuwd met Anna d’Ohnen, wiens dochter Antonnette de Mol huwt met Cornelis van der Noot (zoon van Adriaan van der Noot en Catharina van den Eyken) en wiens kleindochter Anna van der Noot huwde met Ferdinand van der Linden, Beheerder der Bosschen van Brabant in 1570 Onder de Heeren der heerlijkheid Meerbeke komen voor Hendrik de Mol (Hendrikszoon), 1513, wiens zoon Antoon de Mol huwt met Johanna van der Noot en wiens zoon Heronimus de Mol, 1580 Heer is van Meerbeke. Door de 14e, 15e en 16e eeuw zien we geregeld de allianties de Mol met de edelste geslachten van de Zuidelijke Nederlanden
Ten slotte willen we, ter eere van ons tijdschrift „Talpa", welke naam gegeven werd op documentatie van de beteekenis en oorsprong van den familienaam (zie ons artikel van l Oct 1935), vermelden, dat volgens de geciteerde devisen of wapenspreuken in Stein „Annuaire de la noblesse de la Belgique", de spreuk der oudste Heeren de Mol was „Laet de MOL in ’t hol", waaruit blijkt, dat ook in 1300-1400 de naamvertegenwoordigers aan het dier de mol = "talpa" gedacht hebben, toen zij hun devies vaststelden En in hun wapen was geen mol!!
Naast de Mol vinden we in de op België betreffende boeken ook een enkele maal Moll, zoo bv bij Johannes Carolus „de rebus Caspar a Robles, Billaeus in Frisia gestir" („verslag van de Handelingen van Caspar Robles, den Billaeer, in Friesland", dl II 1750, p 107),) waarin gesproken wordt van een vaandeldrager uit Sneek, wiens doodvonnis de medeburgers niet wilden voltrekken, omdat hij van goede geboorte was en die hem tenslotte naar Franeker zonden, waar hij zijn leven met den strop eindigde om geen andere reden, dan dat hij gediend had onder „Billaeus" (= Caspar Robles, den Portugeeschen generaal in Spaanschen dienst 1570), en, daar hij erkende, zich tetgen alle nieuwigheden verzet te hebben. In de bagage van den vluchteling waren papieren, die getuigenis aflegden over een zekeren Aëtrius IJsbrand Jelsenius, waaronder een schriftelijke verklaring o.a. van Pieter Mol, dat n.l Aëtrius één is van hen, die zich gewijd hebben aan een gedegene bestudeering van het Evangelie, en die niets nalaat, wat bijdraagt tot de bevrijding van het gemeenschappelijke vaderland.
Volgens Carolus nu en meer anderen behoorde de Friesche Pieter Mol(l), die ten tijde der Nederlandsche beroerten, dus reeds ongeveer 1567, onder diegenen was, welke de zijde der Hervormden en Vrijheidminnenden in Friesland hielden, tot de adellijke Z. Nederlandsche geslachten de Mol.
We hebben trouwens meer naamdragers Mol of Moll gevonden : Butkens spreekt van een Jean Moll, die een edelman was onder Karel V en „qui avait bouche en cour", van Jean Mol, Schepen van Mechelen 1470-1483, wiens dochter Jeanne de Mol(l) huwt met den zoon van Nicolaas de Heetvelde en Beatrice de Muysene; van een lateren Jean Moll of de Moll, Schepen van Mechelen 1545-1561. Citeeren we in dit verband, dat de Kanunnik van de St. Gudule „Philibert de Mol in 1610 een kleine kapel bouwde op het veld bij Schaerbeek en in 1616 een villa, die langen tijd het Molshuis heette (in 1746 verdwenen). Een volgende maal zullen we het geslacht Mols bespreken. Verder wordt den 7en Juni 1312 door de stad Brussel een quitantie gegeven aan Guillaume Moll („de textoribus et fullonibus vives sepultis). (Zie A. Thymo : „Bragantsche IJeestcn), reactie van de overwinning der adelpartij, waar veel wevers werden gebannen (henne et Wouters „Histoire de la ville de Bruxelles", 1845).
Daar nu, volgens de tot heden bekende Friesche stamtafel ( Sneek!), - Moll, met dien Pieter Moll (van Carolus) geen andere bedoeld kan worden dan de nog steeds niet te definieëren Dr. Pieter Moll („Petrus Talpa" geheeten), die misschien met Aafke van Langen gehuwd was, en wiens werk, de epistola dedicatoria" in 1e uitgave 1563 in ANTWERPEN is verschenen (daarna 1579 in Leeuwarden en 1595 in Franeker), (in Antwerpen is de naam Petrus Mol reeds 1493 bekend als zeer invloedrijk monnik aan de O.L. Vrouwenkerk, zie Mertensen Torfs „Geschiedenis van Antwerpen III, p. 378-’79), en wiens werk „Empiricus sive indoctus ...... etc. medicus Petro Talpa Stellincwervio phrysio medio authore item exilium empiricorum. ....... etc. eodem authore" in 1595 in Franeker verscheen, een boekje, dat te keer ging tegen de kwakzalvers, meenen we, dat gezien het feit, dat de Sneeksche familie tot zijn bloedverwanten behoorde, het dringend noodig zou zijn, de archieven van Brussel te kunnen nagaan. Wie weet, gaf zoo’n onderzoek niet een heel andere kijk op onze Nederl. Moll-genealogiën of wel eindelijk (!) uitsluitsel!
Petrus Moll is geboren in Stellingwerf, maar hij was een alom bekend geneesheer, getuige de drie snel op elkaar volgende uitgaven van zijn boekje. Lettende op de plaats der 1e uitgave, is het zeer wel mogelijk, dat hij in Z. Nederland betrekkingen had. En dan, de groote nood der tijden, de godsdiensttwisten en oorlogen hebben immers door de geheele 16e eeuw reeds families uiteengerukt en verbanning - vlucht naar Zuidelijke -of Noordelijke streken, afhankelijk van den oorlogstoestand, waren immers aan de orde van den dag. Embden, Oost-Friesland, Friesland, waren zeer zeker herhaaldelijk wijkplaatsen. Het geheele Stellingwerfsche en Sneeker geslacht kan zeer goed oorspronkelijk Zuid-Nederlandsch geweest zijn.
Wijzen we tenslotte op de p. IV „Talpa" X geciteerde Anthonie de Mol, 1600, kassier te Harlingen, van wien we nu weten uit de notarieële acten in het gemeentearchief te Den Haag, dat hij 1639 te Lijnwaerden in Friesland woonde, vóór 14 Mei 1647 overleed, gehuwd was met Agatha van Velsen, en dat zijn kinderen waren : 1e. Dr. Hendrik de Mol(l) te Leeuwarden, medicus, die 28 Sept. 1631 in den Haag huwde met Agnes te Roller, uit wiens huwelijk de dochter Agatha de Mol, 12 April 1654 huwde met Cornelis van Geesdorp; 2e. Mr. Jacques de Mol; 3e. Jannetje de Mol, gehuwd met Jhr. Hendrik de Mortangie. (Testament Hendrik de Mol, dr., won. te Voorburg tusschen Tol en Geestbrug, legateert zijn moeder Agatha van Velsen te Leeuwarden ƒ 1500.-, zijn vrouw Agnes de Roller ƒ 400.-, institueert zijn kinderen, zoo die er niet zijn, zijn broeder, Mr. Jacque de Mol, advocaat in ’t hof van Friesland, en als die er niet is, zijn zuster Jannetje de Mol, gehuwd met Jonker Hendrich de Mortangie, vendrig. (medegedeeld door Jhr. Mr. Dr. E. A. v. Berestein). Mr. Jacques de Mol in Dokkum, huwde 12 Juli 1635 te Sneek met Froucktien (of Sjouke) Sybbesdr. van Sneek.
 
3e JAARGANG No. 12                         1 JUNI 1939
MEDEDEELINGEN
In grooten dank ontvingen we:
„St. Willibrord, Apostel van Brabant", door Dr. P. C. Boeren, Maart 1939, van den schrijver, waarin een overzicht van de oudste geschiedenis van Brabant, dat getuigt van de gefundeerde historische kennis van den schrijver.
Een aantal zeer belangrijke notities Mol(l) uit het oud-archief van Haarlem van den Heer Jhr. Dr. A. E. van Beresteijn.
Verscheiden belangrijke uitbreidingen van den Stamboom „Gruibingen" en andere opgaven van Duitsche Mollen van den heer Dr. Fr. Moll te Berlijn.
Vele courantenberichten en advertenties van welwillende leden en vrienden.
Het Bestuur ontving een gift van ƒ 10 tot stijving van de kas. Het dankt den milden gever, die onbekend wenscht te blijven, uit naam der vereeniging.
 
VARIA EN BURGERLIJKE STAND
1. Opgericht werd in Maart 1939 te Utrecht de „Nederlandsche Valkeniersbond Adriaan Mollen". Deze naam is gebaseerd op den persoon van Adriaan Mollen, die met zijn zoon Karel Mollen de laatste telg was van het bekende valkeniersgeslacht Mollen uit Valkenswaarde, waarover we in den breede schreven in Talpa IV. In het gemeentehuis te Valkenswaard herinnert een tegeltableau aan het vangen van valken door Karel Mollen.
 
2. In den Duitschen roman „Der Sohn des Korsen" van E. Th. Kauer, de beschrijving van het tragische lot van den koning van Rome, den hertog van Reichsstadt, komt onder de personen om het sterfbed de naam voor van den ritmeester Von Moll. Bedoeld is Leopold Freiherr von Moll, zoon van Sigismund von Moll en Anna, Grafin Gonzalez de Rivera, Koninklijk Keizerlijke kamerheer aan het Hof van Maria Louise te Weenen 1832.
 
3. Overleden: Arnhem, 7 Maart 1939, Willemina Maria Moll, oud 77 jaren, dochter van Pieter Johannes Moll en Aaltje van Ganswijk, oud onderwijzeres te Arnhem, ongehuwd. (St. Achterhoek.)
Overleden: Utrecht, 23 Maart 1939, Cornelia Elisabeth Anna Charlotte Moll, oud 87 jaren, weduwe van Ir. Adriaan Walter Mees, dochter van Prof. Dr. Willem Moll en Anna Elisabeth henriette Theodora Voet. (St. Wageningen.)
Overleden: Den Haag, 7 Maart 1939: Arie Leendert Lindt, oud 88 jaren, weduwnaar van Catharina Margaretha Hendrika Moll, zoon van Antonius Jacobus Lindt en Alida Sommers. (St. Velp.)
Overleden: Den Haag, 18 Febr 1939, Timon Jager, oud 81 jaren, weduwnaar van Catharina Volkersz. en vader van Beliena Elziena Jager, echtgen, van Ds. Gabriel Hermanus Moll van Charante. (St. Wageningen.)
 
GENEALOGIE
I. Eenige uitbreiding van de stamtafel „Velp".
In het boek Testamenten van de Veluwe, No. l (Rijksarchief Arnhem) komt het volgende voor:
I. „Compareerde 5 Augustus 1713 voor mij, Zeger van Arnhem, scholtis des ampts Rheden en de twee geëerfde gerichtsluyden van de Veluwezoom, in dezen mede geauthoriseerde van den Hoogedelgeb. Heer Wilhem van Haersolte, Richter tot Arnhem, henrichje Moll, huysvrouw van Jan Gamelcoorn, ende heeft gemaekt, gelijck deselve doet kracht deeses aan haeren neef en nicht Evert Mol en Jurriana van Wijssel, echtel. of dess. kinderen, alle haere naetelaetene gerede en ongerede goederen vorders heeft comparante gewilt, dat dese haere dispositie revoceerende alle hare voorgaande dispositien, ...... enz.
Actum, Velp 5 Augustus 1713, geregistreerd 18 Augustus."
 
II. „Compareerde...... enz. henderiken Claesen, huysvrouw van Jan Jacobs Gamelcoorn, siek te bedde liggende, ende heeft gemaekt aan haeren neer Evert Mol en nicht Jurriana van Wijssel en desselfs kinderen alle haere na te laetene gerede en ongerede goederen, om die als haer eigen patrimonieël goed te gebruiken en te behouden, zonder eenige hinder of bespier van des comparante erffgenaemen, die sy daervan neffens haar man Jan Jacobs Gamelcoorn ende zijn zoon Jacob Gamelcoorn neffens desselfs kinderen secludeert - tevens revoceert zij de huweliksche voorwaerden, tusschen haer en haer man Jan Jacobs Gamelcoorn opgericht den 25 April 1704, om rede, dat zij ziek te bedde liggende van haren man, noch desselfs soon geen geruch (= zorg), noch eeten en drinken nae behoren heeft connen krijgen ende door desselfs dagelijkse vuyle en impertinente bejegeningen, zeggende, „ick sal geen hant aan U steecken, licht, dat gij steen wordt, soo duurt gij eeuwich, ick mach u niet langer in huis zien, bruyt daaruit!" en meer andere, genoodsaeckt en gedrongen is geworden, het huis te verlaeten en bij haer neeff Evert Mol in huis te gaan, om naar behooren gedient en opgepaste te worden", enz.
De testamenten leeren ons, dat hier sprake is van Hendrika Mol(l), dochter van Claas Mol(l) (deze Claas Moll is wel vrij zeker Claas Mollen te Velp, wiens dochter Geurtje den 16 April 1667 te Voorst huwt met Peter Gerrits, wedr. Fenneken Hendrix, in de Holthuuserstraat onder Voorst, d.i. dus in Twello), welke dochter 1704, April, gehuwd was met den weduwnaar Jan Gamelcoorn, die reeds een gehuwden zoon Jacob had; dat Claas Moll dus een broer is van den oudsten stamvader (stam Velp), nl. van Hendrik Mol(l), wiens zoon Evert gehuwd was met Jurriana van Wijssel, maar ook, dat een huwelijk niet altijd een. „Hemel op aarde" is geweest.
Een derde testament is eveneens stimuleerend voor verder onderzoek.
 
III. Frederik, Johan van Hoecklum, Heer van Cronesteyn (bij Leiden), disponeert o.a. een bouwhof in de Betuwe bij Elst en dan:
5e. „Ook is mijn begeerte, dat in val mijn suster de geëntameerde procedure tegen henrica van Gelder zou willen vervolgen, dan deze van de legaten zoo capitael. als interesten zulle zijn versteecken.
6e. „Maeke en de legatere aan henrica v. Gelder en hare suster Anna van Gelder voor hare getrouwe dienste aan onze familie gedaen zoo vele jaren achter een, de weyde genoemt de Heurder maer en Bitterscamp in ’t Velperbroeck, ook eenige morgen lant daer en dan het goet de Laerensteyn met all zijn dependenten, ook de groote Elst in de ambte van Rheden, mede mijn geheele inboedel en al mijn gerede mobile goederen, gene uytgesondert alleen de tapijten, en de behangsels tot het groote huys behorende, ook maeke ick aan dieselve de tucht en het vruchtgebruick van ’t cleyne huys, staende op de marckt, daer uytgehangen heeft de roode Leeuw, voor haer beyder leven om te bewonen of verhuren, ook ’t groote huys, daer naest gelegen voor 12 jaren, sullende gemelde henrica en Anna van Gelder gehouden sijn aan de knecht en de maegt ieder 300 gld. te geven. Ook begeere ick, dat van henrica van Gelder wegens hare administratie geen andere rekenschap sal mogen gevergt worden als invoege bij mijns Vaders uyterste wille is geordonneert", 6 Sept 1718.
Het curieuse is de mede onderteekening van 7 Oct 1716 door Evert Moll, (een keurige handteekening.) Dit moet wel dezelfde Evert zijn als die van de twee vorige testamenten.
 
VERVOLG „TALPA" 10, PAG. 8.
Johannes Mol en Catharina Ruysenaar hebben als kinderen: Anna. Mol, geb. 22 Maart 1824, Barend Mol, geb. 8 Juli 1828, overl. 14 Maart 1890, gehuwd 26 Oct. 1859 te Rotterdam met Wilhelmina Duward, geb. 22 Sept. 1832 te Rotterdam, overl. 22 Oct. 1887 te Rotterdam, do. van Antonie Duwart en Elisabeth Beyerling, Geertrui. Mol, geb. 28 Juni 1831, Jannetje Mol, geb. 17 Oct. 1834 en Kaatje Mol, geb. 26 Maart 1843 te Rotterdam, overl. 16 April 1928 te Rotterdam en 28 Sept 1864 te Rotterdam gehuwd met David Gerhard Willem Stoutenbier ,geb. 28 Febr 1845 te Rotterdam, zoon v. Christiaan Gerhard Frederik Stoutenbier en Catharina Adriana Baret.
Barend Mol en Wilhelmina Duwart zijn de ouders van: Johannes Mol, geb. 12 Dec. 1859 te Rotterdam, overl. 5 Juli 1924 te Rotterdam, ambtenaar P.T.T., gehuwd 7 Aug. 1889 te Rotterdam met Catharina Christina Stoutenbier, geb. 14 April 1868 te Rotterdam, do. van David Gerhard Willem Stoutenbier en Kaatje Mol (zie boven), Elisabeth Wilhelmina Mol, geb. 4 Jan. 1862 te Rotterdam, gehuwd met Jacobus Swibben, Barend Mol, geb. 26 Nov. 1863, overl. 22 Juli 1864 te Rotterdam, Anna Mol, geb. 17 Juli 1865, overl. 10 Jan. 1867 te Rotterdam, Barend Mol, geb. 12 Jan. 1867 te Rotterdam, overl. l Nov. 1885 te Djambi (Ned. Indië), fuselier, Dirkje Mol, geb. 25 Oct. 1869 te Rotterdam, overl. 7 Maart 1871 te Rotterdam; Wilhelmina Mol, geb. 17 Oct. 1875 te Roterdam, geh. 1e. met Arie Royé, 2e. met Adrianus Nicolaas de Ruiter.
Johannes Mol en Catharina Christina Stoulenbier zijn de ouders van:
1. David Gerhard Willem) Mol, geboren 8 Dec 1889 te Rotterdam, ambtenaar P.T.T., Directeur van het postkantoor te Schoorl, gehuwd 22 Mei 1919 te Groot Ammers met Hendrika Ooms, geb. 16 Dec. 1893 te Groot Ammers, dochter van Aart Ooms en Geertrui Neeltje Eikelenboom. Uit dit huwelijk zijn twee kinderen geboren : Johannes Mol, geb. 24 Maart 1920 te Rotterdam en Aart Mol, geb. 30 Aug. 1921 te Rotterdam;
2. Wilhelmina Mol, geboren 26 Jan 1891 te Rotterdam, gehuwd 5 Jan. 1916 te Rotterdam met Albert Dekker, typograaf te Bilthoven, geboren 15 Jan. 1890 te Rotterdam, zoon van Cornelis Dekker en Magtiltje Hoogedoorn ;
3. Catharina Christina Mol, geb. 14 Jan 1893 to Rotterdam, ongehuwd;
4. Johannes Mol, geboren 29 Maart 1895 te Rotterdam, kantoorbediende, ongeh;
5. Barend Mol, geb. 24 Nov. 1897, overleden Febr. 1898, Rotterdam;
6. Elisabet Wilhelmina Mol, geb. 29 Oct 1899 te Rotterdam, ongeh.;
7. Christina Adriana Mol, geb. 31 Mei 1901 te Rotterdam, gehuwd 13 Juni 1923, Rotterdam met Hendrik Grootenboer, bouwkundige te Schiebroek, geb. 27 Jan. 1896 te Rotterdam.
 
HET BELGISCHE GESLACHT MOLS.
Als oudste lid van dit geslacht is ons bekend Willem Mols, Schepen van Antwerpen, die omstreeks 1685 is gehuwd met Anna Oudenhagen; waarschijnlijk een zuster is Anne Therese Mols, gehuwd met Jean Pierre de Wannemaecker, wier dochter Beatrice Martine 12 Nov 1696 te Antwerpen geboren is.
 
Als volgende generatie is ons bekend Francois Mols, geboren 23 Jan 1687 te Antwerpen, Schepen en Raadslid aldaar; hij kocht 8 April 1715 de heerlijkheden Moll-Bael-Deschel van Réné de Mol en Diana de Digby. Hij huwde 1718 met Maria Josepha de Wael en omstreeks 1721 Maria Auvray. Uit het laatste huwelijk volgen de kinderen:
1. Michel Ange Joseph Mols, groot aalmoezenier van Antwerpen, den 12 Mei 1756 door Maria Theresia, keizerin, geadeld. Het wapen wordt beschreven als hebbende 3 zwarte merels in goud met 1 blauw vrij kwartier, beladen met een gouden boom op veld. De helm draagt geen kroon. Hij huwde met Catharine Antoinette Josepha Dymphna Meijers.
2. Marie Jeanne Josèphe Mols, geboren 23 Febr 1723 te Antwerpen, overleden 9 Mei 1766 te Mechelen. Zij huwde 4 Juli 1746 te Antwerpen met Pierre de Meester, Raadassessor in de Bank van Leening, geadeld 19 Juli 1776, geboren 9 Mei 1724 te Mechelen, overl. 25 Nov 1784 te Mechelen, zoon van Antoine Joseph de Meester en Anne Marie Hillema (een dochter uit dit huwelijk Jkvr. Marie Josèphe de Meester, geb. 23 Nov. 1748 te Mechelen, overl. 5 Dec. 1794 te Aerschot, huwt 1767 met Jhr. André Charles Ghislain Deudon, zoon. van Jhr. Pierre Joseph Deudon en Marie Caroline van der Zijpe. De dochter uit dit huwelijk, Jkvr. Bernardine Francoise Deudon, geb. te Mechelen 22 Juni 1773, overl. te Brussel 2 Juni 1844, huwt 11 Aug. 1803 te Mechelen met Charles Louis André de Lannoy, Inspecteur der Domeinen, zoon van Jean Joseph Laurent de Lannoy en Jkvr. Isabelle Joseph de Bourgogne. De eerste is de zoon van Jkr. Jean de Lannoy en Jeanne Therese de Greve (dochter van Jacques Joseph de Greve en Jeanne Anthoinette de Bourgogne de Ris. Jkvr. I. J. de Bourgogne is de dochter van Ds. Jacques Joseph de Bourgogne en Marie Josèphe Ingelbeen. We ontmoeten nl. de kwartieren in deze rij: de Lannoy - de Greve - de Bourgogne - Ingelbeen - Deudon - van der Zijpe - de Meester - Mols. (Zie Wittert van Hoogland „Kwartierstaten, betrekking hebbende op het geslacht Wittert".) Uit dit huwelijk volgen 2 kinderen onder B.
3. Francois Mols, eveneens 1756 geadeld.
4. Jean Joseph Mols, id. geadeld 1756.
 
B. De kinderen van Michel Ange Joseph Mols en C. A. J.D. Meyers, zijn:
1. Francois Michel Joseph Mols, geboren 15 Mei 1767 te Antwerpen, overleden 21 Dec 1845 te Antwerpen, raadsheer der stad, die 15 Sept 1843 in zijn adeldom bevestigd werd. Hij huwde 25 Jan 1803 te Antwerpen met Therèse Antoinette Joséphine van der Zanden, geboren 17 Dec 1781 te Antwerpen, overleden 21 Oct. 1813 te Leuven. Uit dit huwelijk volgen 5 kinderen onder C.
2. Cathèrine Reine Constance Joséphine Mols, geboren 18 Mei 1766 te Antwerpen, overleden 5 Juli 1804. Zij huwde 15 Mei 1797 met henri Joseph Geelhand, Heer van Merxem en Dambrugge, geboren 20 Oct. 1760 te Antwerpen, overl. 17 Febr. 1819, zoon van Pierre Francois Geelhand en Therèse Claire Josèphe van Colen de Bouchout. Uit dit huwelijk waren 4 kinderen.
 
C. Volgen:
1. Marie Joséphine Mols, geboren 30 Jan 1805 te Antwerpen, overleden 9 Augustus 1866 te Brussel; zij huwde 6 Febr 1844 te Antwerpen met Jules Philippe Désiré de Caigny, geboren 12 Oct. 1817 te Gent, overleden 24 Febr 1885 te Brussel, zoon van Louis Désiré Antoine de Caigny en Julie Angélique Mouriau.
2. Henri Mols, geboren 19 Jan 1807 te Antwerpen, overl. 2 April 1851 te Saint Josse ten Noode, ongehuwd.
3. Francois Mols, geboren 5 Juli 1809 te Antwerpen, overleden 6 Juli 1892 te Asnières; hij huwde 30 Juli 1844 te Antwerpen met Caroline Philippine Reynwith, geboren 6 Mei 1819 te Antwerpen; uit dit huwelijk volgen 3 kinderen: D1.
4. Florent Mols, geboren 11 Maart 1811 te Antwerpen, overl. 17 Jan 1896 aldaar: hij huwde 19 April 1842 te Antwerpen met Elisabeth Hubertine Brialmont, geboren 26 Juni 1822 te Venloo, overl. 10 Juli 1914 te Antwerpen ; uit dit huwelijk volgen 4 kinderen: D2.
5. Gustave Adolphe Mols, geboren 17 Maart 1813 te Leuven, overl. 3 Mei 1890 te Antwerpen; hij huwde 11 Juni 1844 te Antwerpen met Jeanne Marie Cathèrine van Linden, geboren 27 Maart 1824 te Antwerpen, overl. 30 Dec 1890 aldaar. Uit dit huwelijk volgen 4 kinderen: D3
 
D1 volgen:
1. Caroline Francoise Mols, geboren l Nov 1844 te St. Josse ten Noode;
2. Hermine Julie henriette Mols, geb. 29 Juli 1848 te Ixelles;
3. Auguste Mols.
 
D2 volgen:
1. Leonie Marie Mols, geboren 2 Febr 1843 te Antwerpen, overleden 22 Dec 1918 aldaar. Zij huwde 26 Oct 1867 te Antwerpen met Jaeques Ernest Osterrieth, wedr. E. Verstropp-Ellerman, wedr. M. A. Lemmé, geboren 5 Mei 1826 te Frankfort, overl. 24 Nov 1894 te Basschaet, zoon van Adam Germain Osterrieth en Philippine Francoise Wichelhausen.
2. Marie Clementine Mols, geb. 19 Dec 1844 te Antwerpen; zij huwde 7 Febr. 1863 te Antwerpen met Eduard Joseph Francois Xavier Meeus, geboren 26 Augustus 1840 te Antwerpen, overl. 16 Augustus 1878 te Antwerpen.
3. Robert Charles Gustave Laurent Mols, geboren 22 Juni 1848 te Antwerpen, overl. 8 Aug. 1903 aldaar, ongehuwd.
4. Alexis Jules Mols, geboren 29 Sept 1853 te Antwerpen, overl. 4 Dec 1923 aldaar. Kolonel van de Artillerie, na 1888 Statenlid. Hij huwde 15 Dec 1888 te Antwerpen met Marie Pauline Jeanne Everaerts, geboren 30 Augustus 1865 te Mortsel.
Uit dit huwelijk volgt l kind: E1.
 
D3.
1. Marie Jeanne Adolphine Mols, geboren l Mei 1846 te Antwerpen, overl. 3 Sept 1911 te Deurne. Zij huwde 2 Juni 1869 te Antwerpen met Alexandre Jean Marie Joseph del la Faille de Leverghem, geboren 28 Juli 1845 te Antwerpen, overl. 7 Febr. 1907, zoon van Alphonse Marie Joseph del la Faille en Clementine Amelie Marie van Havre.
2. Eleonore Marie Adolphine Mols, geboren 29 Augustus 1848 te Antwerpen, overl. 15 Juli 1909 te Wilrijck. Zij huwde l Mei 1869 te Antwerpen met Edmond Agie, geboren 18 Augustus 1836 te Antwerpen, overl. 26 Sept. 1900 te Wilrijck.
3. Gustave Adolphe Marie Mols, geb. 25 Aug. 1850 te Antwerpen, overl.......
Hij huwde 4 Jan 1881 te Antwerpen Barones Marie Joséphine Emilie Pauline Eulalie Jeanne Osy de Zegwaart, geboren 25 Aug. 1861 te Merxem, dochter van Baron Eduard Joseph Francois Paul Osy de Zegwaart en Mathilde Marie Therèse Villers. Uit dit huwelijk volgen 9 kinderen. E2.
4. Adrienne Marie Adolphine Mols, geboren 13 Augustus 1851 te Antwerpen, overl. 19 Sept 1927 aldaar.
 
E1 volgt: Louise Mols, geboren 28 Sept 1889 te Antwerpen; zij huwde 22 Nov 1909 aldaar met Graaf Baudouin Marie Joseph henri Francois Ghislain de Maigret, geboren 29 Oct. 1822 te Eperney.
© Jan Wies 2017 | j.wies@planet.nl | Kruislaan 28, 2131WD Hoofddorp | telefoon: 023 5636680 Sponsored by Clic2connect