Tekst   Foto's
HOME    
uVhH 1931-32 Deel 1
uVhH 1931-32 Deel 2
uVhH 1932-33 Deel 1
uVhH 1932-33 Deel 2
uVhH 1933-34 Deel 1
uVhH 1933-34 Deel 2
uVhH 1934-35 Deel 1
uVhH 1934-35 Deel 2
uVhH 1934 Verslag
uVhH 1935-36 Deel 1
uVhH 1935-36 Deel 2
uVhH 1936-37 Deel 1
uVhH 1936-37 Deel 2
Talpa 1936-37 Deel 1
Talpa 1936-37 Deel 2
Talpa 1937-38 Deel 1
Talpa 1937-38 Deel 2
Talpa 1937-38 Deel 3
Talpa 1938-39 Deel 1
Talpa 1938-39 Deel 2
Talpa 1939-40 Deel 1
Talpa 1939-40 Deel 2
Talpa 1940-41 Deel 1
Talpa 1940-41 Deel 2
Talpa 1941-42 Deel 1
Talpa 1941-42 Deel 2
Talpa 1942-43 Deel 1
Talpa 1942-43 Deel 2
Talpa 1943-
Talpa 1946-
Talpa 1948-
Talpa 1949-
Catalogus Archief Deel 1
Catalogus Archief Deel 2
Catalogus Archief Deel 3
Fam Mol Stam Hekelingen 1
Fam Mol Stam Hekelingen 2
Fam Moll Stam Velp Deel 1
Fam Moll Stam Velp Deel 2
Fam Moll Stam Velp Deel 3
Fam Mol Zeeland Deel 1
Fam Mol Zeeland Deel 2
Fam Mol Zeeland Deel 3
Fam Mol Zeeland Deel 4

III. MOLL-AMERIKA.

Hoogst belangrijk zijn de eerste generaties van Moll-families in Nieuw-Nederland. We vinden:
I. Lambert Huybertsen Moll (soms bijgenaamd Clomp), scheepstimmerman. Hij kreeg 7 Sept. 1641 een patent voor een „plantation", groot 25 morgen in Brooklijn (thans Willemsburgh, district), klein burger van Nieuw-Amsterdam, 13 April 1657.
Lambert Moll en waarschijnlijk zijn 2e vrouw Trijntje Pieters waren in 1660 lidmaten van de Holl. Ger. Kerk te Nieuw-Amsterdam. Hij deed „the oath of allegiance to the English in 1664".
Voor de 3e maal huwde hij met hendrichje Cornelis.
Kinderen zijn:
a. Maria Moll, doopget. in 1664, huwt in de New York Dutch Reformed Church 1646 Gerrit hendriksen Blauvelt.
b. Reyer Lambertse Moll verkreeg 22 Maart 1646 een patent voor 57 morgen in Bushwick (= Brooklyn). En in 1657 den 7e Febr. een patent voor land bij ’t fort Casimir, Delaware, een andere Hollandsche nederzetting, waarheen hij verhuisde.
c. hendrick Lambertse Moll, j.m. van Amsterdam, huwt 20 Nov. 1660 te New York Catharina Kingsfort, van Sandwich, Engeland.
d. Huybert Lambertse Moll, jm. van Arnhem, huwt 1662 te New York Jennetje Willems, j.d. van Meppel. Kind: Maria Moll, ged. 7 Nov. 1663 New York.
e. Abraham Lambertse Moll, ged. ged. 23 Maart 1642 New York, huwt 16 Dec. 1662 New York Jacomijntje Jacobs Dartelbeeck, j.d. van Utrecht. Kinderen:
1. Susanna Moll, ged. New York 10 Februari 1664 (get. Lambert Huyberts, Geertje Lamberts) huwt 13 Dec. 1682 New York. Hieronymus hendrickse van Bommel, j.m. van New York en huwt 2e, 26 Juli 1699 Willem Willemse van New York;
2. Sara Moll, ged. 15 Oct. 1666 New York;
3. Jacob Moll (die volgt);
4. Jacomijntje Moll, ged. 10 Dec. 1673 New York;
5. Reyertje Moll, ged. 15 Nov. 1676 New York (get. Jan Jansz!), huwt 26 Juli 1699 New York Michiel Stephensen, j.m. van Dantzig;
6. Abraham Moll (die volgt).
f. Geertje Lambertse Moll, ged. 6 September 1648 New York, huwt 29 Juli 1668 Hans Jacobsz. Harding van Bern Zw.); huwt 2e, 5 Jan. 1686 New York Thijs Franszen Oudewater, j.m. van A1 banien,
g. Cornelis Lambertse Moll, ged. 4 Mei 1661 New York. Jakob Moll (zie boven), zoon van Abraham Lambrechtsz Moll, is gedoopt 6 Mei 1668 te New York en is gehuwd met Lidia Jacobsdr. Wennen (Wenham).
Hun kinderen zijn:
Meindert Moll, ged. 22 Juni 1706 te New York, Aaltje Moll, ged. 29 Oct. 1707 id., Johanna Moll, ged. 24 Juli 1709 id., Rachel Moll, ged. 20 April 1712 id., Annatje Moll, ged. 4 Aug. 1714 id. (get. Anthony Liewis, Aegje Riviers), Abraham Moll, ged. 4 Juli 1716 (get. Aafje Moll), Johannes Moll, ged. 8 Jan. 1718 New York; Jacobus Moll, ged. 9 Dec. 1719 New York; Abraham Moll, ged. 2 October 1723 New York. Abraham Moll (zie boven), ged. 4 Oct. 1685 New York, huwt 16 Dec. 1703 te New York met Sara Kwik (Quick), j.d. van familie uit Naarden. Hun kind was Abraham Moll, ged. 18 Juli 1705 New York.
Behalve Lambert Huybertsen Moll, wiens kinderen, kleinkinderen en achterkleinkinderen we noemden, treft men aan Jan Jansz. Moll, j.m. van Amsterdam, die 1675 te New York huwt met Engeltje Pieters, dochter van Pieter Caspersz. van Naerden en Aagje Jans van Norden, ged. 6 Sept. 1656 te New York.
Hun kinderen zijn:
a. Pieter Moll, ged. 23 Mei 1677 New York; b. Maria Moll, ged. 29 Sept. 1680 te New York; c. Abraham Moll, ged. 18 Febr. 1682 te New York; d. Jacobus Moll, ged. 30 Jan. 1684 New York; e. Aefje Moll, ged. 21 April 1686 New York; f. Johannes Moll, ged. 8 April 1688 New York; g. Aafje Moll, ged. 8 Sept. 1690 New York en h. Isaac Moll, ged. l Mei 1692 New York.
Zeer merkwaardig is, dat de dochter van Jan Jansz. Moll, nl. Aafje, doopgetuige is bij den doop van Abraham Moll, achterkleinzoon van Lambert Huybertse Moll. Misschien bestaat er familieverwantschap.
(Wordt vervolgd.)
 
IV. DE MOL-AMSTERDAM.
Vast stond, dat de vader en moeder van den bekenden predikant Ds. Johannes de Mol te Oud-Loosdrecht en zijn broeders Jacob de Mol, Hoofdbaljuw van Meynden en de beide Loosdrechten en Loenen Hollands en Ds. Casparis de Mol predikant te Oostkapelle waren Ds. Petrus de Mol en Anna de Bruyn. Ds. Petrus de Mol is gedoopt 6 Sept 1699 te Amsterdam en is overleden 26 April 1748 te Middelburg, zijn broers waren Casparis de Mol en Augustinus de Mol, (die 14 Jan 1718 te Amsterdam in ondertrouw trad met Cecilia Kok) en zijn zuster was Francina de Mol, die 23 Aug 1715 ondertrouwde te Amsterdam met Christiaan Wessels.
Hun ouders waren Ds. Johannes de Mol en Cornelia Augustina Stanzin (ondertrouw 10 Oct 1693 te Amsterdam) Ds. Johannes de Mol werd 10 Febr 1681 te Leiden geimmatrikuleerd als stud in de letteren en werd praeceptor (Leeraar) aan de Latijnsche School (Gymnasium) te Amsterdam Zijn doop werd tot heden niet gevonden, wel die van zijn bei de zusters, Catharina, den 9 Oct 1658 in de Zuiderkerk te Amsterdam en Helena den 24 Nov 1660 ibidem Catharina ondertrouwde 21 Aug 1683 te Amster dam met Pieter Tavernier, koopman, geb 1658 te Brugge en Helena den 8 December 1684 te Amsterdam met den schilder Mattheus Starregou. De ouders van Ds. Johannes, Catharina en Helena de Mol kunnen wc nu vaststellen als te zijn Johannes de Moll(!), lakenwerker te Amsterdam, die als jm. van 26 jaren (dus geb 1631) van Amsterdam, in gezelschap van Mattheus Tavenier (schoonvader), den l Dec 1657 te Amsterdam in ondertrouw treedt met Catalijntje ( = Cathrina) Taveniers, wed hendrik Claesse de Leuteringh, geboren te Belle (bij Yperen) We zien hier weer, hoe de godsdienstoorlogen Zuid-Nederlanders naar Amsterdam drijven, maar tevens kunnen we uit het beroep van Johannes opmaken, dat hij verwant zal zrjn geweest met de vele lakenbereidende uit Yperen en omgeving reeds voor 1600 gevluchte Mollen en de Mollen.
Met 99 % zekerheid gelooven we dien Johannes de Moll gevonden te hebben in Johannes de Moll, die 23 Febr 1631 te Leiden gedoopt werd (get David Robbregts, Trineken Cornelissen, Neeltgen Wagaert) als zoon van Pieter de Moll, saeywerker (lakenwerker) en Joel van Rosebeecke, van Norwich (Engeland), die 4 Nov 1616 te Leiden aanteekenen Pieter de Moll, afkomstig uit Leiden, is reeds eerder gehuwd geweest (ondertr 6 Mei 1615 te Leiden) met Josyntje Waghers uit Leiden, welk huwelijk kinderloos was Bij het 1e huwelijk is getuige de vader, bij het tweede de oom Jan de Moll.
Johannes de Moll van 1631 kan zich zeer wel in Amsterdam reeds als poorter gevestigd hebben, als hij daar 1657 huwt Pieter zijn vader, die uit Leiden afkomstig heet te zijn, heet met zijn 1e huwelijk in 1615 een zoon van Jacques de Mol De ondertrouw van Pieter luidt
„Pieter de Mol, saeywerker, jm. van Leiden, vergeselschapt met Jacob de Mol zijn vader, 6 Mei 1615 met Josyntgen Waghers, jd. van Leiden, vergeselschapt met Catelijna Wagers haar moeder" en ten tweeden male „Pieter de Mol, saeywerker van Leiden, wedr van Josyntgen Wagaerts, vergeselschapt met zijn oom Jan de Moll, 4 Nov 1616 met Joel van Rosebeecke, j.d. van Noorwits in Engeland, verges met Magdaleentgen Verbrugge, haar moeder "
En we vinden in het poortersboek van Leiden
„Jacques de Mol cramer van Belle in Vlaenderen is op de getuychnisse van Jorys Andriesz, timmerman ende Willem van der Linden van Belle bij burgermeesters tot het poortrecht dezer stede ontvangen, acn wiens handen hij den behoorlycken eedt heeft gedaen ende voorsz Jorys Andriesz constitu eerde hem voor de voorsz poorter borge, 4 Fcbr 1594 ’
(Wordt vervolgd )
 
V ALLIANTIES : van Mollem - van Lennep - van Sijderveld - van der Meersch - van Oosterwijck.
De proefnemingen van drie jaren terug van de Gooische Zijdeteeltvereeniging en van die in Twente herinneren aan een zelfde soort proefneming in Utrecht en Holland in het begin van de 17e eeuw Toen en ook later in de 18e eeuw bloeide de zijde-industrie, getuige de beroem de zijdereederij , de Zydebalen" van Jacob van Mollem, die aan duizenden een bestaan en welvaart schonk en tot 1816 in stand bleef Dit van Mollem-geslacht is oud We noemen David van Mollem, die alswedr van Lucia Adriaens den 8 Juni 1671 te Sloterdijk huwde met Sara Wenix en op de Heeregracht te Amsterdam woonde
Jacob (zijn broer?), die 18 Sept 1699 te Utrecht begraven werd is 17 Sept 1667 te Utrecht gehuwd met Maria van Syderveld van Symonshaven, dochter van den Schout van Symonshaven Anthonie van Syderveld en van Maria Ruysch. De kinderen uit dit huwelijk waren
a David van Mollem, ged Utrecht, Domkerk 5 Oct 1670, gest op zijn hofstede buiten Utrecht 8 Juli 1746, zijde-fabrikant en eigenaar der hofstede „Zijdebalen" aan de Vecht, buiten de Weertpoort te Utrecht en van de daarnaast staande zijdefabriek, die in 1716 door Tsaar Peter van Rusland bezocht werden. (Jac. Scheltema, „Rusland en de Nederlanden", II p. 356).
(J. Bicker Raye, aant. II p. 206:
,,10 Juli 1746 is hier tijding gekoomen, dat tot Uytregt overleede was de Heer Davit van Molm, groot koopman en fafriceur in zey, hebbende tot Uytregt een considerabele zymoolen buyte de Weerdepoort, die door het waater omdraayt, waardoor honderde mensen aan de kost koomen, waarby een seer fraaye buyteplaats, sodat de stadt Uytregt seer veel aan dien Heer sal verliesen, also het een seer braaf man was, die seer goetarms was".
Hij huwde te Amsterdam 28 Dec. 1698 Jacoba van Oosterwijk, geb. te Amsterdam 16 Oct. 1671, overl. aldaar 22 Maart 1727, dochter van Dirk van Oosterwijk (zoon van Willem Dirksz. v. Oosterwijk en Pietertje Cornelisdr.) en Lavina Verbeek (dr. van Jacob Verbeek en Jacomina Ampe).
Hierbij noteeren we nog: Een andere dochter van Dirk van Oosterwijk en Lavina Verbeek, nl. Levina van Oosterwijk huwt met George Bruin. Hun zoon Dirk Bruyn, geb. 25 Sept. 1714, Amsterdam, overl. Mei 1786 te Wijk bij Duurstede, en burgemeester van Wijk, huwde 26 Sept. 1735 te Wijk Amalia Severijn. Een zoon uit dit huwelijk is David van Mollem Bruyn, geb. 9 Juni 1745, Wijk; deze werd capitein van den prins van Holstein Gottorp en 1788 Luitenant-kolonel.
Hun dochter was Levina van Mollem, die, als 2e echtgen. 26 Nov. 1737 te Utrecht met hendrik Nicolaas Sautijn huwde. Zij was gedoopt 16 Dec. 1705 te Utrecht en overl. 16 Febr. 1743 aldaar.
hendrik N. Sautijn, gedoopt 4 Juni 1708 te Utrecht en overl. l Sept. 1765 te Amsterdam, was de zoon van den burgemeester van Amsterdam, Mr. Nicolaas Sautijn en Clara Decquer, en was zelf Vroedschap van Amsterdam en Heer van Beverwijk en Wijk op Zee en Wijk aan Duin.
b. Susanna v. Mollem, gest. 2 Aug. 1713 te Amsterdam, die 26 Jan. 1706 te Utrecht huwde met Willem van. Oosterwijk, geb. 21 Jan. 1676, overl. 26 Oct. 1720 te Amsterdam, broer van. bovengen. Jacoba van Oosterwijk, zijdehandelaar en -fabrikant te Amsterdam; hij bewoonde het huis ,.De Gouden Rijder" op de Keizersgracht en was eigenaar van de hofstede Groenhoven. Hun kind was Mr. Jacob v. Oosterwijk, Schout van Amsterdam.
c. Antbonia van Mollem, geb. 28 Mei 1686, begr. 16 Febr. 1761 te Amsterdam, die 7 Juli 1711 te Utrecht huwde met Johannes van der Mersch, zoon van Johannes en A. Kops, wedr. Petronella van Oosterwijk.
d. Lucia van Mollem huwde 1704 te Utrecht den Schout bij Nacht en Luit.-Adm. hendrik Grave; de dochter uit dit huwelijk Maria Grave, geb. 8 Dec. 1707, overl. 29 Juni 1733 was de eerste echtgen, van den bovengenoemden hendrik Nicolaas Sautijn, wiens 2e echtgen. haar nicht was.
e. Maria van Mollem, die 18 Jan. 1732 te Utrecht overleed en 14 Juni 1690 te Utrecht huwde met Anthony van Syderveld uit Symonshaven. Deze Maria was het oudste der 7 kinderen.
f. Flora van Mollem, overl. 5 Maart 1719 Utrecht, huwde 7 Maart 1714 met Benjamin Willem de Guy.
g. Jacoba van Mollem,, overl. 8 April 1735 Utrecht, huwde met Jacob van Sijderveld.
David en Jacob v. Mollem (bovengen.) waren met Anthony en Sibylla van Mollen kinderen van Jacob van Mollem en Sibyila van Halmael, welke Jacob weer de zoon was van Adriaen van Mollem en Maria, Spruyt
Sibyila van Halmael was een dochter van Abraham van Halmael en Sara Verbeeck; hare zusters waren Sara en Geertruid„ Sara van Halmael huwde met Warner van Lennep, voorvader in rechte lijn van den beroemden romanschrijver Jakob v. Lennep, (zoon van Abraham van Lennep en Elisabeth van Schriek), geb. 1598 te Emmerik, begr. 3 Dec. 1644 te Amsterdam, goudsmid, koopman te Amsterdam, 15 Juni 1625 geh. met Sara van Halmael, geb. 1604, Amsterdam, overl. 22 Febr. 1675 te Amsterdam. (Haar vader was afkomstig van Wesel.)
De zoon uit dit huwelijk was Jacob van Lennep, geb. 15 Dec. 1631 Amsterdam, overl. 28 Juni 1704 aldaar. Hij is met zijn broer Jan de stichter van een zijdefabriek in Amsterdam en huwde : 1e. 9 Dec. 1655 te Amsterdam Anna van der Meersch (geb. 1635, begr. 28 Nov. 1667), dr. van Arent van der Meersch (van Haarlem) en Sara de Veer ; 2e. 15 Mei 1677 te Symonshaven Ingetje van Sydervelt begr. 18 Aug. 1678 Amsterdam, dr. van Antonie van S. (Schout van Symonshaven) en van Maria Ruysch.
(Nota bene! In 2e huw. met een zuster van Maria van Syderveld, de echtgen. van Jacob van Mollem (bovengen.)
We zien hier dus dubbele familieverwantschap
I Jacob v. Mollem Sr. is gehuwd met Sibylla v. Halmael. Warner v. Lennep huwde Sara v. Halmael. de zuster
II Jacob v Mollem Sr. huwde Maria van Syderveld. Jacob v. Lennep, de zoon van Warner, huwde Ingetje v. Syderveld, de zuster
Maar we zijn er nog niet
De 1e vrouw van Jacob van Lennep was Anna van der Meerseh. Hierbij zijn getuigen de vader Arent van der Meersch en Pieter, zijn broer en den oom van zijn vader, nl Jan de Mol Hoe zit dat?
Arent van der Meersch, geb 1600 te Haarlem, overl 30 Aug 1667 te Amsterdam, geh met Sara de Veer, is met broer Pieter een kind van Pieter van der Meersch, geb 1560, leeraar der Mennonieten korenkoper te Haarlem en diens vrouw Maayken Boutens Barentsdr. (geh 1589 Haarlem)
Een zuster van zijn moeder is Josina Boutens, die eerst geh was met Pieter Symonsz Kies, ten tweeden male huwt met Jan de Mol. (Barent Boutens, de vader, was lakenkooper)
We moeten naar aanleiding van deze allianties in het oog houden, dat het Mennonietendom en de zijde- of laken-industrie bij deze verbindingen zeer zeker in het spel waren)
 
VI MOL - SCHERPENISSE.
De toe nu toe bekende oudste Mollen van den stam Scherpenisse-St. Maartensdijk hadden geen verband met Vossemeer, behalve Marinus Pieters Mol, gehuwd met Leuntien Cornelis, waarvan bekend was, dat hij als landbouwer woonde in St. Maartensdijk, maar later in Vossemeer. Nu blijkt uit de vriendelijk door den Heer W. v. d. Ploeg meegedeelde gemeente-rekeningen, dat 16 Januari 1625 attestatie is gegeven aan Marinus Pietersz. Mol, dat hij is inwoonder van Nieuw Vossemeer. En geheel nieuw is het volgende „26 Maart 1626 compareerde voor Schepenen d’eersame Pieter Geertsz. Mol, stadhouder deser Heerlicheyt (Oud Vossemeer), dewelche verclaerde schuldich te syn aan Sr. Marin Pieters Mol, sijn soone de somme van 200 gld, spruijtende over reste van coop van 15 gemeten 124 R dyckerslant gelegen in de polder van Hicke" (en geeft tot genoemd bedrag hypotheek).
De stamvader wordt dus Geert of Gerart Mol, die moet ongeveer geboren zijn 1520, diens zoon Pieter is stadhouder der Heerlijkheid Oud Vossemeer en overlijdt voor 1627, wat blijkt uit „7 Januari 1627 „Cavelinghe van grond tusschen de weese van Pieter Geertsz, Zaliger en Marinus Pietersz. Moll." Pieter Mol was 1619 wethouder en heet dan Pieter Geerartsen; ook 1618, 1617.
Marinus Pieters Mol, de kleinzoon van Geert Mol, komt in de protocollen van Oud Vosmeer herhaaldelijk voor in de jaren 1626-1627, zijn nageslacht woonde meest in St. Maartensdijk.
De eigenlijke tot heden bekende Scherpenisse-stam heeft als stamvader Marine Mol, die ongeveer 1520 leeft Van dien zijn bekend drie zonen Cornelis, Marinus en Jacob. Over dien laatsten Mol worden we weer ingelicht door de nu bekende rekeningen
In de domeinrekening Ambachtsheerlijkheid 1569-1570 (in 1566 werd door Ambachtsheeren cijns uitgegeven voor de stichting van het dorp „Nieuw Vosmeer") lezen we:
„Alsoo Jacob Mol innegenoomen hadde de 39e (perceel cijnsgrond) met deur verdrincken van sijn soonnijet gecoemen, is andermaal in de voorleden winter uytgegeven aan Job de Vriese " enz
En in die van 1570-’71 „Ontvangen van Jacob Mol over de reste van de coop van 40e erve groot 98 Roeden "
In 1572-’73 komt de laatste verantwoording voor nopens Jacob Mol: „Jacob „Mol, nu Gerrit Adriaensz."
Hij is dus voor 1572 overleden
Overigens kennen we van hem geen kinderen
Of de oudste Marinus Mol en de oudste Geert of Gerard Mol broeders waren?
 
VII MOL - ZIERIKZEE.
In het prachtige genealogische werk van P. D. de Vos: „De Vroedschap van Zierikzee van de tweede helft der 16e eeuw tot 1795", Middelburg 1931, vonden we onbekende naamdragers
Cornelis Jacobse Boeye, overl l Aug 1532, zoon van Jacob Jan Boeyezoon, thesaurier van Zierikzee, en Clazina de Kater, huwt met Cornelia Pietersdr Pous (overl 28 Nov 1544), weduwe van Domus Andriesz. Mol (overl 1529) Deze notitie leidt dus tot vaststelling van een Andries Mol uit ±1460!
Uit dit huwelijk spruit een zoon Jacob Domisse Mol, die 25 April 1554 begraven wordt te Zierikzee Deze huwde eerst met Jacomina Jacobse Witte (dochter van Witte Jacobse en Catharina Gillis Wolfertse ) De dochter van Jacob Mol
en Jacomina Witte, Jacomina Jacob Domisse Mol huwde met Pieter van de Velde Uit dit huwelijk worden genoemd Maria van de Velde, geb 1565, overl 1616 en Jacob van de Velde, geb 1568, overl 1633 (18 Dec Raad en Schepen van Zierikzee 1600-1616 )
 
VIII HET GESLACHT MOEL = MOLL IN GOUDA.
Tot de aanzienlijke geslachten in Gouda (der Goude) in de 14e eeuw behoorden de van der Goude’s en de Spierinx. Volgens de Lange van Wijngaerden: „Beschrijving der stad van der Goude" behoorden de Heeren van der Goude tot een Frankisch geslacht Karlingen of naderhand Cralingen of van der Goude genoemd
Velen zijn onbekend geraakt door ver lies van den naam van de oorspronkelijke goederen door ongelijke huwelijken met dochters van poorters, waarbij de Hoeksche en Kabeljauwsche twisten het hunne deden
„Zoo is het ook gegaan met het ge slacht der Heeren van der Goude, van hetwelk verscheiden takken zijn voort gesproten, zoo echte als bastaarden, van welke laatsten men wel eenige uitgestorven Goudsche geslachten als van Moel, wegens de wapens kan vermoeden te zijn geweest, hebbende het eerst gemelde (van der Goude) een halve leeuw en het andere (Moel) een kruis boven een ster gevoerd"
Van 1400-1600 komen de families Bouwens Buys, Balling, de Vrije, Pauw, Moel en andere geregeld voor
We noemen voor 1400:
1378 Jongfr Elsbeen Gherrit Moelen.
Meister Heinrich Moel.
1369 Ghereyt Moelen vinder der brouwerije
1363 Bartholomeigeride Moelen.
(We behoeven hier heusch niet aan de afkomst „molen" te denken oe = oo komt tallooze malen in Holland en Duitschland voor, de verlengde vorm en of em slijt weldra af en wel eerder dan „molen" wordt tot „mole".)
Een rij van schepenen en burgemeesters vinden we van 1440-1600
Schepen:
1412-’53 Jan Willemse Moel.
1457 Willem Janse Moel.
1474 Jan Janse Moel.
1489 Gijsbert Janse Moel.
1520 Jacob Janse Moel.
1531-’44 Jan Willemse Moel.
1532 Jan Gijsbertse Moel.
1551 Jan Jacobsz Moel.
Burgemeester:
1455 Willem Aelbrechtse Moel.
1469 Heynrie Aelbrechtse Moel.
1506 Jan Janse Moel.
1537 Jacob Jansz Moel.
1544-’56 Jan Willemse Moel.
1554-’57 Gijsbrecht Janse Moel.
1586-’97 Maarten Jansz Moll.
1600-1600 Maarten Jansz Moel.
In de zestiende eeuw zijn de voornaamste patricieergeslachten Cincq -Lonq - de Vrije - Moel geallieerd
Maarten Janse Moel, overl 1604, burgemeester, is gehuwd met Agatha Loncq; hun dochter Margriete Moel is 1601 gehuwd met Simon van Alteren.
Willem Janse Moel, overl voor 1608, broer van Maerten, is gehuwd met Ewoutke Ewouts Hun kinderen zijn Grietje Moel en Inge Moel, die gehuwd is met Cornelis Huyberts.
(Zie akte van de Weeskamer van 7 Maart 1612 „Wij Aert Jansz Kaes, ende Cornelis Huybertsz getrout heb bende Ingeken Willems Moel, als procuratio hebbende van Ewout Ewoutsdr., wed wijlen Willem Moel, onze moeder en schoonmoeder etc),
(en akte id van 5 Nov 1605 „gezien het testament tusschen Maerten Jansz Moel en Agatha Jansdr Loncq van 5 Oct 1599 en de huwelijksvoorwaarden tusschen Symon Lodewijcks van Alteren en Margriete Moel van 23 Oct 1601"),
(en akte id 2 Dec 1605 „Gerrit Franz Kegelingh, Cornelis Gerrits Hopkooper voor heur selven ende als procuratie hebbende van Dirck Dircksz. Loncq mitsgaders de medeerfgenamen van wijlen Agatha Simonsdr. van Alteren, daer moeder of was Margriete Moel Maertensdr. van Agatha’s voorsz grootmoeders zijde - Willem Jansz. Mool. -Ael Jansdr. v. Schouwen met voorn Willem Moel haar broeder en voocht ende Hillebrant Pietersz. Heerenbras voor hem een Aefken Pietersdr. zijn zuster, samen erfgenamen van voorsz Agatha van haar grootvaders zijde, enz  ")
1608 verkoopen de erfgenamen van wijlen Maerten Jansz. Moel en Agatha Simonsdr. van Alteren een hofstede en land bij Berg Ambacht voor 6800 caroli guldens
Maerten Jansz. Moel bezat een huis aan de Haven van Gouda, geheeten „de Arke Noe".

(Wordt vervolgd )

© Jan Wies 2017 | j.wies@planet.nl | Kruislaan 28, 2131WD Hoofddorp | telefoon: 023 5636680 Sponsored by Clic2connect